Waarheen leidt de weg……voor de PvdA?

Wie kent haar nog, Mieke Telkamp? In vroeger tijden was zij de vertolkster van de begrafenishit ‘Waarheen leidt de weg?’. Dit vraag ik me ook al jaren af bij de PvdA. De volgers van mijn stukjes kennen mijn haat-liefde verhouding met de partij. Hoewel de haat nooit groot is, moet gezegd worden dat de liefde altijd broos is. De overtuiging voor de sociaaldemocratie is trouwens onverminderd groot.

Na het verlies in maart 2017 bij de Tweede Kamerverkiezingen, besloot ik weer lid te worden van de sociaaldemocraten. Voor mij was dat de vijfde keer. Zeer snel stond ik op de lijst van de plaatselijke PvdA, maar ook de lokale verkiezingen waren andermaal geen succes voor de PvdA. Dat gold niet alleen voor mijn eigen woonplaats, maar eigenlijk voor heel Nederland een uitzondering daargelaten. De PvdA is niet hot, dat is wel duidelijk.

Een interne evaluatie zal volgen. Voor nu wil ik eigenlijk stil staan bij het groter geheel van de sociaaldemocraten in Nederland. Het navolgende is zeker geen wetenschappelijke beschouwing waar het allemaal mis is gegaan, wie de schuld moet krijgen en wat er beter moet gaan. Het wordt geen vooropgezet plan voor een sterfhuisconstructie zoals mogelijk de eerste zinnen doen vermoeden. Voor mij is het een kwestie van bij elkaar harken van een aantal harde feiten tegen de achtergrond van maatschappelijke veranderingen. Ik moet op het einde van dit betoog de volgende twee vragen zien te beantwoorden. Wie wil de PvdA bereiken? Wat staat voor de gemiddelde sociaaldemocraat centraal in zijn eigen politieke vergezicht. Als ik dit kan achterhalen, dan is de vraag ‘Waarheen leidt de weg’ een invuloefening.

 

Geschiedenis

Het gaat te ver om de hele sociaaldemocratische geschiedenis door te nemen in mijn betoog. Ik volsta met de uiterst belangrijke functie die de SDAP voor de Tweede Wereldoorlog had voor de emancipatie van de werkende klasse in materieel en immaterieel opzicht. Met de oprichting van de PvdA in de jaren veertig was het slechts een kwestie van uitbouwen van allerlei voorzieningen zodat iedereen in Nederland een fatsoenlijk inkomen zou krijgen, verzekerd was van goed onderwijs en goede zorg en een vredige oude dag. Mede geholpen door de economische vooruitgang in ons deel van de wereld konden veel idealen verwezenlijkt worden. Zeker ook omdat andere politieke partijen de sociaaldemocratische principes niets in de weg legden. Zij bouwden mee en ondersteunden de nivellering. Er was consensus over de opbouw van de verzorgingsstaat. Het politieke gekibbel ging voor een belangrijk deel over de snelheid van veranderingen en de mate van nivellering. Juist vanwege de consensus over deze sociaaleconomische vraagstukken ging het de PvdA voor de wind. Het electorale hoogtepunt was de overwinningsnederlaag in 1977. De PvdA van premier Joop den Uyl als premier won de verkiezingen ruimschoots. Met tien zetels winst kwamen de sociaaldemocraten op maar liefst 53 zetels. Ruim 1/3 van de Nederlandse kiezers koos voor de PvdA. Met recht een volkspartij die vervolgens niet in de regering kwam. In de jaren daarna lukte dat de PvdA nog maar voor de helft van de tijd. (Tegenover de VVD 75 % en het CDA 60%)

Van de drie grote traditionele partijen lukte het de PvdA dus het minst om regeringsdeelname te forceren en als ze dat dan wel lukte, met uitzondering van Paars 1, waren de gevolgen voor de daaropvolgende verkiezingen meestal desastreus. De laatste Tweede Kamerverkiezingen waren het absolute dieptepunt. De partij uit 1977 is niet meer. De trend gaf al wel een dalend beeld te zien, maar met 9 zetels doe je eigenlijk niet meer mee. Maar zoals we kunnen concluderen lukte dat de PvdA ook al minder dan de andere grote traditionele partijen.

Minder macht dus, minder kiezers dus en al die jaren staan voor iedereen. Als je sinds 1977 de verkiezingsslogans bekijkt dan komen de woorden samen, iedereen, allen etc. veel voor. Dat is ook niet vreemd voor de sociaaldemocraten, het past bij de idealen. Recentelijk is daar ‘verbinden’ bij gekomen. Ook dit past bij de traditie van iedereen en allen. Maar de grote vraag is mijns inziens ‘Wie is iedereen?’ Anno 2017 is dat nog maar 5% van de bevolking die iets met iedereen heeft of zich een onderdeel voelt van iedereen. Voor de PvdA er electoraal vooral te winnen bij die andere 95%. En wil die 95% nog wel verbonden worden.

Wie is de ander?

Het verval tussen 1977 en 2017 is enorm groot voor de PvdA. Tot 2012 is wel een neergaande lijn te zien voor de PvdA, maar vaak waren ze wel de nummer 1 of 2 van het land, soms nummer 3. Zoals gezegd relatief weinig regeringsverantwoordelijkheid, maar door vele populisten wel gezien als het kwaad van alles wat fout is gegaan in Nederland. Het gigantische verlies in 2017 tijdens de Tweede Kamerverkiezingen laat ik even buiten beschouwing, ik leg me toe op de trends die ik zie.

 

1977-2002

De diepe crisis van de jaren tachtig dient zich aan. Nederlanders hebben instinctief het gevoel dat het huishoudboekje op orde moet zijn en blijven. Bezuinigingen worden gewaardeerd door een groot deel van de Nederlanders. Het andere deel voelt die bezuinigingen in het loonzakje. De PvdA komt buiten een korte periode in 1982 voorlopig niet meer in de regering. De partij blijft met schommelingen onverminderd groot, vaak de grootste. Als de VVD en CDA in 1989 echt genoeg van elkaar hebben, krijgt de PvdA weer een kans. Economisch gaat het inmiddels beter en in 1994 komt er na Den Uyl weer een sociaaldemocratische premier. Bovendien wordt Kok premier van een coalitie die tien jaar daarvoor als onmogelijk werd gezien. Met Paars verliest het CDA de sleutelpositie en het Tweede Paarse kabinet krijgt een vervolg met 52 zetels voor de PvdA in 1998. Met de florerende economie kraaien ook de sociaaldemocraten victorie en neoliberale denkbeelden krijgen binnen de PvdA voet aan de grond. De attentie voor de tweedeling is er onvoldoende. Mensen die niet mee kunnen in het arbeidsproces of afhankelijk zijn van anderen voor een goed leven, worden onvoldoende gehoord door de PvdA. Sinds 1994 zit de SP reeds in de Kamer en kan ondanks het succes van Paars, of misschien wel dankzij het succes van Paars, groeien. Een deel van de vakbondsgeoriënteerde PvdA kiezers begeeft zich naar de SP en zullen daar ook blijven. De SP zal die positie wat betreft deze groep niet meer afstaan. De neoliberale wind legt de SP geen windeieren, de PvdA heeft te laat door dat zij een deel van de traditionele kiezer is verloren.

2002-2012

Met 9/11 nog vers in het geheugen, de groeiende afkeer tegen Paars en Europa in de ‘steigers’, verliest de PvdA in 2002, ze worden bijna gehalveerd. Een verlies dat anno 2017 als dragelijk gezien zou zijn, schudde toen heel lang na binnen de burelen van de PvdA. Ad Melkert werd hiervan het trieste boegbeeld na de ontmoeting met Pim Fortuyn. Xenofobische tendensen deden hun intreden in de Nederlandse politiek, zo werd dat tenminste gevoeld in die tijd. Met de kennis van nu moeten we constateren dat de kritiek van Pim Fortuyn mild was in vergelijking met de latere PVV. Mild of niet, Fortuyn en zijn kiezers werden weggezet door de politieke elite waaronder de PvdA. Er werd in ieder geval onvoldoende geluisterd naar de grieven en gevoelens van delen van het electoraat. Een belangrijk deel van de kiezers van Lijst Pim Fortuyn kwam vanuit de PvdA. Ongenoegens over de veranderende samenstelling in de samenleving werden al jaren gevoeld in de zogenaamde volkswijken in de steden. Die ongenoegens konden nu gekoppeld worden aan een partij.  Eerst de LPF, later middels een zich radicaliserende PVV. En het is niet zo zeer dat de gevestigde partijen het eens moeten zijn met de PVV, bij voorkeur niet. Het is vooral het ontbreken van een duidelijk antwoord op de foute retoriek of erger nog het ontkennen van de onderliggende problematiek. Het werd vooral gezien als een tokkieprobleem dat wel over zal waaien. Later komen termen als gemarginaliseerden meer in zwang.

Naast de problematiek rondom de al dan niet vermeende angst voor de Islam speelde ook de verdergaande globalisering een rol. Naast winnaars kende de globalisering ook verliezers. Deze verliezers, die vooral de economische crisis van 2008 voelden, kregen een stok om te slaan namelijk Europa. Europa als het kwaad van alles en daarmee alle partijen die het hoofd laten hangen naar Europa.  De pro-Europese elite gaf reden temeer om pro-nationalistische standpunten in de markt te zetten. De PVV is hierin geslaagd en krijgt daarmee sommige partijen mee in de slipstream. Denk aan Mark Rutte die voor binnenlands gebruik soms ferme anti-Europese uitspraken kan doen. Ook de SP laat de internationale solidariteit varen als het gaat om Europa of vluchtelingenbeleid. Frans Timmermans ten spijt, het lukt de PvdA onvoldoende om de voordelen van een sterk Europa duidelijk te maken aan de kiezer. Ze hebben er geen boodschap aan. Europa is voor de economische elite zoals multicultureel gedrag voor de culturele elite, ofwel de grachtengordel, is.

Toch zijn er twee oorzaken aan te wijzen die de teloorgang van de vaste achterban nog niet meteen zichtbaar maken. In 2006 wordt het gerommel van de LPF en Balkenende beloond met zetelwinst voor de PvdA. In de peilingen voorafgaand aan de verkiezingen in 2012 leek de PvdA af te stevenen op een nieuw diepterecord. Het premiersgevecht tussen PvdA en VVD, oftewel tussen Mark Rutte en Diekerik Samsom, bracht veel linkse kiezers toch nog op de been om voor de PvdA te kiezen. Omdat de PvdA met 38 zetels tweede werd en niet de premier leverde, was het wachten op de grote val.

2012-2017

In dit betoog ga ik geen rapportcijfer geven aan het kabinet Rutte 2. Ook in deze economische crisis komt de Nederlandse mentaliteit bovendrijven dat voor alles het kasboek op orde moet zijn. De zorg en vele andere overheidstaken worden verwaarloosd, de onvrede neemt toe. De PvdA heeft als deelnemer in de regering hier geen duidelijk antwoord op. Ze geven aan dat ze de scherpe randjes er wel hebben afgehaald, dat het zonder de PvdA voor velen aan de onderkant van de samenleving veel erger zou zijn geweest en bovenal dat ze verantwoordelijkheid hebben genomen voor een land in crisis. Misschien is dat zo. Tekenend is het ‘och en wee’ door vooral niet PvdA-politici en niet PvdA-stemmers dat de PvdA onevenredig is afgestraft. Ze deden het immers toch best goed, die bewindslieden. Ze zijn in ieder geval niet met bosjes weggestuurd zoals hun VVD-collega’s. Maar de marketing was slecht op orde met name in de Tweede Kamerfractie was er te weinig tegengeluid te horen. Het gevolg is dat een grote PvdA, slechts drie zetels minder dan de VVD, als bijwagen is gezien van een exclusief VVD-beleid. Ik denk dat de kritiek inhoudelijk soms terecht is, soms ook niet. Maar in een samenleving waar de afbrokkeling van de PvdA-achterban al tientallen jaren bezig is, sterker dan bij de andere traditionele partijen, is er weinig coulance voor de PvdA die de maatschappelijke verantwoordelijkheid wil nemen. Met hun 38 zetels zijn ze alleen politiek nog een machtsfactor zolang het kabinet niet valt, de kiezer is al uitgekeken op de sociaaldemocraten. Tekenend voor deze periode is dan ook nog de afsplitsing van de franchise-onderneming van de Turkse Erdogan. De hondstrouwe allochtone PvdA-kiezer krijgt een alternatief, onder het mom van solidariteit voor iedereen, maar ons eigen groepje eerst en meer. Buiten het feit dat het de PvdA niet te verwijten is dat DENK ontstond, is het wel veelzeggend zoals het gaat in het politieke klimaat. Iedereen moet gehoord en exclusief politiek bediend worden. Zo niet, dan richten we gewoon een eigen clubje op. In maart 2017 kwam de klap die iedereen verwachtte dan eindelijk.

Maatschappelijke tendensen

Hierboven wordt met zevenmijlslaarzen de afbrokkeling van het PvdA-electoraat beschreven. Naast deze politiek getinte argumenten zijn er ook maatschappelijke tendensen te benoemen die van invloed zijn op de aantrekkingskracht van de politiek in het algemeen en de PvdA in het bijzonder. Ik noem ze puntsgewijs in willekeurige volgorde.

  1. De toenemende individualisering van de maatschappij, een groot goed met name ook voor de sociaaldemocratie. Iedereen heeft recht op zijn stukje persoonlijke vrijheid. Als je het negatief zou bestempelen is de emancipatie voor grote groepen verwezenlijkt tot de eigen hedonistische bubbel. Is daarin nog wel plaats voor een collectief belang?
  2. De vervlakking en versnelling van het nieuws. Een stuk als dit, nog buiten de kwaliteit van mijn betoog, is voor de gemiddelde lezer veel te lang, zeker als het gelezen moet worden op een smartphone. We willen alles in hapklare brokken tot ons nemen en we hollen van hype naar hype zonder ons nog te herinneren wat de week ervoor heel belangrijk was. Zo worden politici ook benaderd en zo gedragen ze zich ook noodgedwongen. Of zoals onze Koning het ooit verwoorden dat we leven met ‘oneliners and soundbites’. De nuance is weg, het geduld om langer stil te staan bij een complex item of echt te luisteren naar het tegengeluid is er niet. De versnelling, mede ook door de sociale media, zorgt er ook voor dat kleine probleempjes opgeblazen worden en grote problemen soms niet gezien worden.
  3. De complexiteit van de samenleving is ook veel groter. We moeten wat vinden van elke brandhaard en we moeten solidair zijn met volken en landen waar we 20 jaar geleden het bestaan niet eens van kenden. Met het overspoelen van allerlei ellende zien we door de bomen het bos soms niet meer en hebben de neiging ons terug te trekken in onze eigen bubbel.
  4. Met name de sociale media zorgt wel voor een nieuwe manier van politiek bedrijven die (nog) niet past bij een traditionele parlementaire democratie. Referenda zijn hier een voorbeeld van, maar ook handtekeningenacties om gelijkgestemde te verzamelen om op één item een politiek machtsblok te gaan vormen. Met ‘de oplossing’ van het probleem is de groep vaak weer ter ziele. Individuen zoeken weer nieuwe uitdagingen, maar het grote geheel is soms ver te zoeken.
  5. Een ander en misschien wel het meest op sociaaldemocratische leest geschoeide opmerking is het feit dat nieuws steeds meer koopwaar is geworden. Als de zogenaamde Linkse Media al heeft bestaan, dan is die nu echt wel verdwenen. Zelfs de zogenaamde grachtengordelprogramma’s kunnen alleen nog maar bestaan bij die hapklare brokken en zullen die dan ook voortzetten om het eigen bestaan te kunnen verzekeren. Onafhankelijke media is nog een schaars goed. Ik heb het in deze nog niet over de (ver)vorming van hele samenlevingen als gevolg van gemanipuleerd nieuws of fakenews.
  6. Er is een toenemende tweedeling tussen stad en platteland, meer specifiek de Randstad en de rest van Nederland. De demografische en culturele verschillen zorgen voor een verschil in (politieke) waarden en normen.
  7. De sociaaldemocratie is internationaal aan het terugvallen. Zonder dat alle zusterpartijen in het buitenland één op één te vergelijken zijn met de PvdA, verliezen ze overal in Europa aan populariteit.

Het benoemen van bovenstaande zaken is niet uitputtend, maar het zijn wel maatschappelijke tendensen die van invloed zijn op de houding van de hedendaagse politici, maar ook de waardering voor diezelfde politici door het electoraat. Het is mijn overtuiging dat alle politieke partijen hier in meer of mindere mate ‘last’ van hebben. Partijen gericht op het collectief en solidariteit zullen het extra moeilijk hebben.

De vijver om te vissen voor de sociaaldemocratie

De afbrokkeling van de PvdA is een feit. De SP, de PVV en in mindere mate DENK en de nog niet genoemde 50+ hebben van het verlies van de PvdA geprofiteerd en doen dan nog steeds.

We weten daarmee voor een deel wie weg is gegaan bij de PvdA. Wat moeten we doen om deze mensen voor ons terug te winnen? Moet de PvdA weer de taal gaan spreken van het gestaalde vakbondskader spreken om SP’ers terug te winnen? Of moet we internationale idealen laten varen om de meer nationaal denkende kiezer te bedienen en daarmee de angst voor onomkeerbare ontwikkelingen bevestigen? Moeten we Wilders toch maar een beetje gelijk geven door groepen weg te zetten? Of gaan we ouderen en Turkse Nederlanders naar de mond praten om zo 50+ en DENK leeg te zuigen. Al met al een groep te winnen, goed voor laten we voorzichtig schatten, zo’n 20 zetels.

En dan hebben we het nog niet gehad over GroenLinks en D66. Om met de laatste te beginnen, er is geen natuurlijke overgang van D66 naar de PvdA en andersom. Toch zijn er vanuit het verleden ook veel overeenkomsten tussen beide partijen zeker op immaterieel gebied. Eén ding is zeker, D66 zal bij de volgende verkiezingen zeker verliezen. Hun deelname in het huidige kabinet zal ze duur komen te staan. Dat hebben ze al eerder meegemaakt net als de PvdA. Meedoen met het CDA en VVD levert links zelden iets goeds op en nu hebben ze de ChristenUnie ook nog als bijwagen te accepteren. En de beweging van Jesse Klaver dan, is dat iets om de 29 zetels terug te winnen? Een eenvoudig rekensommetje leert dat GroenLinks, SP en de PvdA samen kleiner zijn dan de PvdA in 2012. De voormalige kiezer van de PvdA in 2012 is niet massaal overgestapt naar de Groene Beweging van Jesse. Dat betekent buiten dat de linkse politiek over de hele linie heeft verloren, maar ook dat vermoedelijk het inzetten op groen voor de PvdA ook maar beperkt iets zal opleveren. Bovendien welke partij en welke kiezer is tegenwoordig ecologisch nog onwetend?

 

Dus op de vraag Wie wil de PvdA bereiken kunnen we kunnen concluderen dat het op basis van de cijfers een zeer beperkte groep is geworden. Hierbij gaan we uit van de bestaande status quo in politieke idealen en presentatie. Wil je een grotere groep gaan aanspreken dan moet er dus iets gebeuren met de (presentatie) van de idealen.

De idealen herzien?

Als het om de vraag gaat ‘Wie wil de PvdA bereiken?’ moet dat volgens de partijideologie, in mijn woorden vertaald, die groep mensen zijn met een internationale wereldvisie die zich verantwoordelijk voelt voor mensen in nood in binnen- en buitenland, opkomt voor de zwakkeren in de samenleving en voorwaarden wil scheppen voor zelfontplooiing voor iedereen. Dat lijkt me een warme boodschap voor kiezers van de SP, 50+, Denk en met wat meer overredingskracht ook voor een deel van de PVV. En toch lukt dat niet, de verdeeldheid is blijkbaar te groot. De PvdA wil verbinden, maar het lukte blijkbaar niet om die groepen binnen de PvdA te houden. De wens om je vertegenwoordigd te zien in je eigen bloedgroep is blijkbaar groot. Liever groene, arbeideristische, op ouderen gerichte, Turkse of veganistische politiek dan een politiek die meer op het algemene belang gericht is. Als je de afsplitsingen van de PvdA bekijkt, zoals ik ze hier beschrijf, dan lijken dat ook niet zo gemakkelijk te verbinden groepen. Je politiek op deze groepen afstemmen is dan ook een onmogelijk taak. De veelgehoorde leus na een verkiezingsnederlaag dat we de boodschap beter moeten overbrengen, of dat we beter naar de mensen moeten luisteren ergert me. Welke mensen, naar de wat bange ex-pvda’er uit een volkswijk? Naar het gestaalde vakbondskader die nog een ouderwets idee heeft van ‘Jan met de Pet’? Of naar de mondaine grachtengordelbewoner die van de Dokkemer melkboer verlangt dat Zwarte Piet afgeschaft moeten worden?

Op Wie de PvdA zich moet richten is beperkt geworden, maar als je kijkt naar de groepen van voormalige PvdA-ers, dan is het overbrengen van een eenduidige politieke visie ook geen eenvoudige opdracht. De tegenstellingen tussen de weglopers lijkt wel onoverbrugbaar. Er is onvoldoende consensus en die PvdA kan die blijkbaar ook niet brengen.

Conclusies

Ik zou niet weten waar de weg heen leidt voor de PvdA. De voorwaarden om deze vraag te beantwoorden was immers op wie de PvdA zich moet richten en wat de politieke boodschap moet worden om zich te onderscheiden. In het huidige versnipperde politieke landschap zit groei er op korte termijn niet in. Niet voor links als geheel, maar zeker ook niet voor de PvdA. In een cynische bui vraag ik me af of mensen wel buiten hun bubbel verbonden willen worden. Er zijn voldoende maatschappelijke factoren die verbinding in de weg staan. In een meer optimistische mood weet ik dat de sociaaldemocratie een uitstekende maatschappijvisie heeft die vroeg of laat weer grote groepen mensen gaat aanspreken, als alle bubbels en hypes een beetje doorgeprikt en overgewaaid zijn. Dan is er weer ruimte om te verbinden. Mogelijk zullen ze dan weer denken en zelfs zeggen, ‘Mag ik dan bij jou’.

Een persoonlijke tocht door stemmig Nederland…..nog 24 dagen te gaan

 

 

Ik had me zo voor genomen niet strategisch te gaan stemmen. Toch overvalt het me steeds vaker de afgelopen dagen dat het toch nog een optie kan zijn. Juist het feit dat geen enkele partij me echt past en het zijn er zoveel. En als een partij van keuze slechts een beetje zou schuren, dan kan ik me over mijn eigen schaduw heen zetten. Voorlopig kom ik qua verstand en gevoel het dichtst bij de ChristenUnie. Dat is een behoorlijke stap als dwalende sociaaldemocraat kan ik u vermelden. Toch de mate van integriteit die ik bij hen bespeur spreekt me aan. Vanzelfsprekend is de ChristenUnie misschien wel de partij die op sociaaleconomische vraagstukken lijkt op de PvdA. Maar wat doe ik met de rest van hun standpunten? Ik weet het nog niet, hoewel een belangrijk motto bij mij is ‘Erst das Fressen und dann die Moral’. Om het Fressen kan ik op ze stemmen. Dat is ook waarom ik altijd heel veel moeite heb met GroenLinks.

 

Strategisch stemmen is goed voor mensen die een uitstekende glazen bol tot hun beschikking hebben. De plotselinge hausse van de PvdA bij de vorige verkiezingen is waarschijnlijk het gevolg van veel linkse kiezers die, nadat Emiel Roemer voor zijn rekenexamen was gezakt, een strijd tussen de VVD en de PvdA voorzagen. En die is er gekomen, al heeft de PvdA het bijna gelijke electorale gewicht amper weten te gebruiken. Het resultaat in de polls is er dan ook naar. De laatste tijd hoor ik steeds vaker de gedachte dat mensen overwegen VVD te stemmen om Geert Wilders niet de grootste te laten worden. Op zichzelf een nobel streven zou je denken. Gemakshalve vergeet ik dan maar even dat de partijprogramma’s van VVD (en ook CDA) eng dicht benaderen. Populistische standpunten zijn al ingezet om Wilders te attaqueren. Maar toegegeven, liever Mark Rutte nog vier jaar dan Wilders.

 

Toch zie ik gigantische nadelen. Gaat het uiteindelijk echt tussen Rutte en Wilders? We denken van wel, maar hoe zeker is dat? Wat als de VVD daadwerkelijk geen echte tegenstander meer heeft bij de formatie, of in het ergste geval Wilders qua zetels op de hielen zit van de liberalen, wat dan? Hoe geloofwaardig is Rutte in zijn toezeggingen om niet met Wilders te regeren? Wie zal het zeggen? En als Rutte zijn woord gaat houden en moet gaan samenwerken met CDA, D66 en zeker nog een derde partij (GroenLinks, SP, PvdA, 50+, ChristenUnie), hoe zien die partijen eruit bij de volgende verkiezingen. Een partij als de PvdA kan nu als bijna gelijkwaardige partij de komende jaren niet meer serieus genomen waarden.Niet op inhoudelijk gebied en waarschijnlijk ook niet op kwantitatief gebied, of alle strategische stemmers uit 2012 moeten op 15 maart toch weer tot inkeer gaan komen. Ik zie het niet gebeuren. De samenwerkingspartners van de VVD zullen in ieder geval kleiner dan de helft van de liberalen zijn, bovendien zijn het er minimaal drie waarbij de VVD het spelletje Divide et Impera kan spelen, verdeel en heers. Sta je toch mooi te kijken als links liberaal, overtuigd christen of GroenLinkser.

 

Ter plekke denk ik zomaar een andere manier van strategisch denken voor mensen met een te groot onderbuik gevoel. Als zij willen dat er iets moet gebeuren in Nederland, dat de boel opgeschrikt moet worden, een anti-establishment stem willen laten horen, kunnen SP-ers ook nog overwegen om PVV te stemmen. Om Rutte een hak te zetten.

RTL 4-debat wordt vervangen door genereus aanbod blogger Sprakeloos

 

 

Wat jammer, er komt geen clash tussen Geert Wilders en Mark Rutte bij RTL4. De omroep zou zich niet aan de afspraken houden zeggen de beide heren eensgezind. Tja, ik was er niet bij en of dit nu de waarheid, de halve waarheid of een gemankeerde waarheid, dan wel een alternatief feit is, ik durf het niet te zeggen. Voor de Nederlander, of ze nu Henk en Ingrid heten dan wel Anna-Therèsa en Jaap-Sjoerd, is het jammer. Wie ook verantwoordelijk is voor dit echec, de politici of de omroep, het is een gemiste kans in ons democratische bestel. Ik roep daarom beide heren op, de leegte op te vullen via mijn blog.

Ik stel een aantal vragen en poneer een enkele stelling en via de officiële twitterkanalen geef ik beide lijsttrekkers de kans om ze naar eigen inzicht en behoefte in te vullen. Voor de goede orde, ik zal op geen van beide partijen stemmen. Ik ga louter voor het democratische proces. De antwoorden komen integraal op mijn blog. Degene die het eerst reageert komt bovenaan. De enige tekst die ik zal toevoegen is dat de verantwoordelijkheid voor de inhoud in zijn geheel ligt bij de PVV of VVD of diens lijsttrekkers.

Daar gaat ie:

 

  1. Wat is programmatisch de beste samenstelling van het komende kabinet, even los van de uitslag van de verkiezingen. Dat is (uw eigen partij) met ………(2 andere partijen).
  2. In de media is het al vaker benoemd, maar noem maximaal twee partijen met wie u niet gezien wil worden in een volgend kabinet?
  3. Wat is het grootste misverstand wat een belangrijk deel van het electoraat dat niet op uw partij stemt, heeft?
  4. Is twee miljard euro voldoende om de nood te lenigen in de ouderenzorg voor de komende jaren?
  5. Wat denkt u van een zakenkabinet als de versnippering van het politieke landschap gaat worden zoals de verwachting is?

Stellingen eens of oneens. (een beknopte toelichting, maximaal drie regels, is toegestaan)

a. Meer of minder politieke partijen?

b. Nederland is sterk genoeg om zelfstandig in mondiaal verband economisch de broek op te houden?

c. De komende tijd krijgen we meer last van verbrokkelende vriendschappen dan van aanvallen door vijanden?

d. Over tien jaar zal er geen moslimterrorisme meer zijn?

e. Hoewel ik een groot voorstander ben van de commerciële omroep, vallen ze me vies tegen. Zo slecht is de NPO nog niet.

f. Een bijdrage op dit blog is veel leuker en inhoudelijk sterker dan zo’n bokito-optreden bij RTL4.

Heren grijp uw kans, vul deze korte vragen in en beantwoord de stellingen. Laten we zeggen maximaal 1000 woorden in totaal en doe dat voor 25 februari 2017. Ik zal uw antwoorden in zijn geheel overbrengen in mijn serie ‘Een persoonlijke tocht door stemmig Nederland’, op 26 februari 2017. U hoeft niet bang te zijn voor de kijkcijfers, die zijn laag. Maar dat geeft nu juist de kans om uw ware ik te tonen al is het maar aan deze zwevende kiezer en zijn beperkte bereik van vooral ook andere zwevende kiezers.

SPRAKELOOS, blogger.

Een persoonlijke tocht door stemmig Nederland……nog 33 dagen te gaan

 

Ik ga winnen deze verkiezingen, zeker weten. Niet mijn partij, want dat weet ik nog niet. Maar toch ga ik winnen. Ik heb me door mijn oudste zoon laten verleiden tot het wedden bij een van de Engelse wedkantoren. Je kunt bijvoorbeeld wedden wie de minister-president gaat worden. Nu hoor ik dat Alexander Pechtold zich wil laten gelden als de minister-president bij de verkiezingen. Ook Jesse Klaver laat zijn ambities als een echte Jessias de vrije loop en gaat voor het premierschap. Lodewijk Assher is in het publieke domein wat minder luidruchtig, en terecht. Ik denk dat hij stiekem droomt van een onverwachte overwinning en alsnog kan triomferen. Wilders gaat er van uit dat hij de grootste wordt en Mark Rutte dat hij als vanzelfsprekend premier blijft. Loze beloftes en verdere popularisering worden gebruikt om Geert de loef af te steken.

Op het moment dat mijn zoon en ik hebben ingezet was de kans dat Wilders premier zou worden erg groot! Voor iedere ingelegde Euro kreeg je slechts 25 eurocent winst. Dat wil dus zeggen dat de mensen die er op wedden er veel vertrouwen in hebben. In veel gezinnen van Henk en Ingrid is er een gesprek aan de keukentafel geweest met de vraag, zullen we geld inzetten? Als Geert de grootste wordt dan hebben we dubbelfeest. De PVV heeft gewonnen en we winnen ook nog een extra zakcentje. Dan hebben we die grachtengordel even een poepie laten ruiken. Toch? Bij het premierschap van Rutte krijg je vier maal je inzet terug. We hebben beide een tientje ingezet.

Onze winst kan niet uitblijven, want Geert wordt nooit premier, of hij moet onverwacht de meerderheid gaan halen. En nu ben ik best pessimistisch gestemd als het gaat om een positief verloop van de verkiezingen. De PVV gaat zeker groeien, al verwacht ik nog steeds dat de polls in deze positiever zijn dan de verkiezingen zullen laten zien. Als we winnen zijn we beide veertig euro rijker. Met een beetje mazzel kopen we dan een ticket naar Manchester. Gaan we naar een voetbalwedstrijd. Niet naar City of United hoor. Maar naar FC United of Manchester, een club die ruim tien jaar geleden is opgericht door teleurgestelde supporters die tegen de commercialisering van Manchester United waren. Dat is een mooi troostcadeau, want zo blij met Rutte als premier voor de komende tijd ben ik niet. Een bezoek aan deze club is toch een mooie geste tegen het neo-kapitalisme.

 

Een persoonlijke tocht door stemmig Nederland…….nog 34 dagen

 

 

Er is eigenlijk maar een juiste manier om je stem op 15 maart in overeenstemming te laten komen met jezelf. Dat is de politiek volgen, je geheugen gebruiken en nadenken wie je stem het meest verdiend heeft. Een bijkomend voordeel is dat we verlost worden van infantiele en ongeloofwaardige campagnes. Geven we dezelfde mannen en vrouwen nog een kans of heeft een andere partij het toch beter gedaan? Zo simpel is het eigenlijk.

 

Je kunt je ook laten leiden door valse beloftes (o.a. Mark Rutte), een gladde toekomstvisie (Jesse Klaver), bewust onrust zaaien en liegen zonder alternatieven (PVV) om maar wat te noemen. Je kunt een man of vrouw een lekker ding vinden en/of geloofwaardig. Je kunt pijltjes gooien op een dartbord of hopen dat de Allesbestierende de juiste weg wijst. De stemwijzer kan een hulpmiddel zijn en er zijn inmiddels meerdere mogelijkheden. Zo kreeg ik gisteren via mijn zoon De Wijze stem, gebaseerd op een filosofische achtergronden. Dus niet de onderbuik, niet de ratio maar je onderliggende al dan niet onbewust levensvisie als stem-raadgever.

 

Ik kwam uit op John Stuart Mill en dat zou corresponderen met D66. Weer een nadenker erbij. Als verweesde sociaaldemocraat moet je toch wat. En ik durf te stelling te verdedigen dat sociaal-liberalen en sociaaldemocraten in de praktijk niet zo veel verschillen. De aanvliegroute is wat ander. De een gaat uit van individuele vrijheid, maar zal consciëntieus waken voor uitwassen. De ander gaat uit van grote mate van gelijkheid, waarbij de individuele ontplooiing nadrukkelijk ook het doel moet zijn. D66 dus? Wat was er ook al weer mee wat me niet beviel buiten de referenda? O ja, ze waren maximaal voorstander van TTIP.

 

Hiebij de link naar de Wijze Stem

 

 

Een persoonlijke tocht door stemmig Nederland…..nog 35 dagen te gaan.

 

Met één opmerking voorzien van een getrainde marketinglach, wist Mark Rutte bloot te leggen waarom het bij de PvdA fout is gegaan. Gisteravond bij Jinek beloofde hij twee miljard voor de ouderenzorg. Natuurlijk ongeloofwaardig, we weten wat de beloftes van Rutte waard zijn. De Mark Rutte die de opvolger van Joop Den Uijl wil zijn door Sinterklaas te spelen. Twee miljard is natuurlijk het bedrag waarmee de afgelopen maanden Hugo Borst terecht furore heeft gemaakt. Het is Rutte niet kwalijk te nemen dat hij de ouderenzorg als speerpunt maakt. Hij moet de PVV-kiezer gaan verleiden. De PVV doet uiteindelijk niets voor de ouderen is de afgelopen jaren al gebleken, maar ook de VVD is niet echt begaan. Dat is de tragiek van de PvdA.

De sociaaldemocraten zeggen door hun deelname aan het huidige kabinet dat ze hun verantwoordelijkheid hebben genomen! We hebben Nederland door de crisis geholpen door niet weg te kijken. We hebben daarvoor soms pijnlijke maatregelen moeten nemen. Maar Nederland is er nu weer boven op! En de VVD kan gaan oogsten en de PvdA kan in een hoekje verongelijkt zitten wezen. Twee miljard, dat is een hoop geld zal staatssecretaris Van Rijn verzuchten, met in zijn gedachte de publieke veeg uit de pan van zijn vader. Misschien is het waar dat de PvdA verschrikkelijk zijn best heeft gedaan de scherpe kantjes van het VVD beleid er af te halen. Maar zij worden afgerekend op de pijnpunten, de VVD gaat zich beroepen op de economische verbetering. En dat is echt eigen schuld, dikke bult. Ze hebben te weinig smoel laten zien.

Ze zijn druk bezig geweest in de luwte enkele minder ter zake doende pijnpunten te verzachten, maar het bleef pijn doen. In de Tweede Kamer werd de scheur niet open getrokken. Bijna vijf jaar lang heeft de PvdA gefungeerd als gratis propagandamachine voor de VVD door hier en daar een pleister op de sociaal maatschappelijke wonden te plakken, terwijl een stevig drukverband of meer nodig was om daadwerkelijk tot veranderingen te komen. We zien nu het resultaat, ze worden door hun potentiële electoraat afgerekend en de ideologische versplintering in Nederland gaat op aan het populisme. Mark Rutte heeft dat begrepen en trakteert op 2 miljard voor de ouderenzorg. We hebben immers allemaal vaders en moeders die vroeg of laat zorg behoeven. Misschien moet de PvdA wel 4 miljard gaan bieden?

Begrip, van de dag (155) Arbeid adelt NIET

 

 

 

ARBEID ADELT NIET

 

Soms komt de oplossing van niet benoemde problemen automatisch op je pad. Te veel werken heeft een negatieve invloed op je cognitieve vermogens wijst een Australisch onderzoek uit. Tenminste als je veertig jaar of ouder bent. Dit meldde RTL-Z gisteren. Voordat alle recalcitrante werknemers subiet hun hamer, pen of stuurwiel uit de handen laten glijden, niet werken maakt nog dommer en meer dan 55 uur per week werken is zelfs overweldigend slecht. Het is dus eigenlijk niet zo raar dat de Scandinavische landen onlangs de 6-urige werkdag hebben ingevoerd. Zelf zit ik al bijna tien jaar in de gevarenzone, hoewel het met de overschrijding van de dom-makende uren nog wel meevalt. Maar het zet me wel aan het denken, ja dat lukt nu nog wel met mijn gemiddelde van 32 uur per week.

Uit het achterliggende onderzoek maak ik nog niet meteen op waardoor dit komt. Het is natuurlijk evident dat het degeneratieve proces eigenlijk al tussen je 18e en 25e levensjaar begint en naar nu blijkt cognitief versneld wordt door te veel uren werken na je 40e. Zou het komen dat de uitdaging in het werk begint af te nemen? Je hebt het allemaal wel gezien, de trigger om harder te gaan begint te verminderen, studeren om ‘verder’ te komen heeft niet zo veel zin, alleen meer werken kan misschien materieel nog wat opleveren, immaterieel gaat je brein blijkbaar naar de knoppen.

Ik trek mijn persoonlijke conclusies, maar waarschuw gelijk de wereld voor de gevolgen. Managers die te lang doorwerken nemen geen slimmere beslissingen. Vergaderingen bij bedrijven ’s avonds in de nabijheid van de koffiemachine en een maaltijd van een Japanse Take-away op de Zuid-as in Amsterdam wekken de indruk dat dit de economische processen in Nederland versterkt. Er worden, naar nu blijkt, alleen maar stomme beslissingen genomen. En politici en wereldleiders die misschien wel 90 uur per week werken? We zien het om ons heen, er komen voornamelijke stomme besluiten voor welzijn, milieu en wereldvrede. Een deeltijd Rutte, misschien nog helemaal niet zo’n gek idee, ik wil mijn baan wel opgeven en 25 uur per week hem assisteren in het roeptoeteren. Een win-win situatie, ik werk minder en Mark ook, kunnen we samen verstandige beslissingen nemen. Ik ben voor.

Begrip, van de dag (116) Buudreedner Mark

 

 

BUUDREEDNER MARK

 

Heel diep gravend in mijn geheugen, kan ik me geen enkele grap herinneren van premier Rutte. Dat is ook niet erg, humor is een glijmiddel met een ernstige en diepere laag, en dit hoeft een politicus ook niet in zijn pakket te hebben. Het helpt hooguit in het overbrengen van je visie en vergezichten. Ik herhaal, visie en vergezichten. Wel heb ik Mark Rutte vaak en veel zien lachen. Dat doet vermoeden dat hij plezier heeft in het leven. Ik gun hem al het plezier en geluk in het leven zonder meer, maar ik moet altijd zoeken waarom hij zo breed grijnst. Ik wil graag mee  lachen, want een echte droefsnoet ben ik ook niet. Ik vind bij Rutte geen humoristische aansluiting en vanavond gaat hij in navolging van de Amerikaanse president lollig zitten wezen in Correspondents’ dinner.

Laat ik voorop stellen dat ik alle na-aperij uit Amerika een aanfluiting vind. Volgens mij doen vooral de Nederlanders dat, Fransen, Duitsers en Italianen hebben blijkbaar meer intrinsieke eigenwaarde. Dus op voorhand ben ik cynisch over dit project, nog daargelaten over het gebrek aan humor en visie van onze premier. Ik ben zo’n zeikerd die Valentijn en Halloween absoluut niet vind passen in onze cultuur, dus ook de Correpondents’ dinner niet. Laten we de globalisering eerst maar op wezenlijke zaken toepassen zoals eerlijke verdeling en niet de premier als een soort buudredner op onze nationale televisie als slap aftreksel van Obama.

Dat is trouwens ook nog een dingetje, die nationale televisie en de VVD. Daar waar staatssecretaris Sander Dekker wil dat al het amusement van de publieke omroep moet verdwijnen, werkt Rutte hem tegen door zelf de pias te gaan uithangen. Of misschien weten ze inmiddels al dat het niet grappig is en dus waardig genoeg voor de publieke zender. Eigenlijk zou RTL 4 dit programma moeten oppakken in de filosofie van de VVD. Ga ik kijken? Ik denk het niet, hoewel het waarschijnlijk talk of the day zal zijn. Het enige waar ik benieuwd naar ben zijn de schrijvers van de speech. Twee komieken en een clubje ambtenaren hebben Rutte geholpen. Als daarbij Herman Finkers zou zijn, dan heb ik goede hoop. Hoewel, Rutte is een man die door al heel hard zelf te lachen in staat is iedere grap om zeep te helpen, zelf die van Finkers.

 

Begrip, van de dag (88) Mag ik dan bij jou

 

MAG IK DAN BIJ JOU

Na Herman Finkers en Jochem Myer, kan het niet uitblijven rond de jaarwisseling met al die cabaretiers, dus voelde ik me verplicht om ook iets over/ met Claudia de Breij te doen. Ik doe dat niet omdat ze een vrouw is en haar positief discriminerend ook maar ‘behandel’, want de laatste jaren heeft ze bewezen veel te kunnen. Ik had er vooral moeite mee omdat ik onlangs Nederland heb ingedeeld in drie groepen. De Tokkies, de Grachtengordeltokkies en de rest. Zelf hoor ik bij de rest en door haar optreden op tv, schaarde ik haar bij de Grachtengordeltokkies. Het gaat dan natuurlijk over de zwartepietendiscussie, waarbij ik heb besloten dat het Sinterklaasfeest voor mij klaar is.

Ik weet dat het een rigide indeling is, maar soms is het heel gemakkelijk modelmatig mijn eigen emoties beheersbaar te maken. Toen inderdaad in haar show ‘Teerling’ de discussie over zwartepieten ter sprake kwam, verstrakte ik letterlijk. Ze was genuanceerder dan ik haar eerder heb gezien dit jaar en ik kon ontspannen. En daarmee was ik meer ontvankelijk om te genieten van haar optreden. In niets te vergelijken met de shows van haar collega’s de afgelopen dagen, maar er is een overeenkomst. Het Freek de Jonge-achtige lijden en de verontwaardiging meetorsend over al het wereldleed en onrechtvaardigheid is een beetje uit. En dat is heel fijn.

Milde grappen over de visieloze Mark Rutte en een geniale (gr)app voor mannen om het humeur van hun vrouwelijke soortgenoten in te schatten en er vooraf rekening mee te houden, waren leuk. Ik heb haar optreden vooral als lief ervaren. Ik denk dat lief het juiste woord is. En daarmee wordt haar optreden weer meer congruent met het beeld dat ik oorspronkelijk van haar had. Zij is wat mij betreft ook de enige (en de beste) die voor de komende generaties in moeilijke omstandigheden mag zingen ‘Mag ik dan bij jou’. Ik hoop dat 2016 veel mag brengen voor een goede oudejaarsshow 2016. Ik hoop dat ze af en toe wel een heet pepertje opraapt om niet alleen lief te zijn. Ik beloof er dan bij te zijn, mag dat dan van jou?

Kakelkrant van Sprakeloos 63: Following the leader

 

Zeker 60% van de Nederlanders heeft een enorme behoefte aan een sterke leider. Dat is natuurlijk het gevolg van de afkeer die men zegt te voelen voor de hedendaagse politiek in het algemeen en het huidige kabinet in het bijzonder. Maar zo’n krantenkop zou je eigenlijk eens goed moeten proeven en het liefst met de mindset van enkele decennia terug. Het was toen niet denkbaar en nu is het gemeengoed geworden als we dit onderzoek moeten geloven. De dag erop wordt hetzelfde onderzoek min of meer gerelativeerd dat we geen landje zijn van voor een sterke leider. Ik mag het hopen. We dreigen wel een landje te worden dat graag complexe situaties met ‘Jip en Janneke’ oplossingen te lijf wil gaan. In deze context brengt dat een liedje van Walt Disney bij mij naar boven die simpliciteit (en het potentiële gevaar) aangeeft.

 

 

 

Tee Dum Tee Dee

 

a tee dlee ed tee day

 

It’s part of the game

 

Tee Dum Tee Dee

 

The words are easy to say

 

Just a tee Dlee Dum

 

a Tee Dlee Dum tee day

 

Tee Dum Tee Dee

 

A Tee Dle Eedo Tee Di

 

 

Gewoon lekker simpel brengen van de boodschap, de inhoud maakt niet uit, we hoeven het niet te begrijpen als de boodschap maar lekker bekt en goed gebracht wordt, dan geloven we er in. Niet meer nadenken.

 

 

We march along

 

and follow the other guy

 

eaqch thing he does

 

The rest of us have to try

 

with a Tee Dlee Dum

 

a Tee Dle Eedo Tee Di

 

We verlangen blijkbaar naar eenheidsworst en wat goed is voor jou, is blijkbaar ook goed voor mij. Een ander, de leider bepaalt dus wat goed is voor ons lijders.

 

 

We’re following the leader,

 

the leader, the leader

 

We’re follwing the leader

 

wherever he may go

 

We won’t be home

 

till morning

 

We won’t be home

 

till morning, till moring

 

Because he told us so.

 

 

Maar als puntje bij paaltje komt, zijn we er dan wel gelukkig mee met de volgende ochtend? Wat is ‘ons huis’ met een sterke leider? Een leider volgen is niet zomaar een spelletje!

 

 

Tee dum tee dee

 

a tee dlee edo tee day

 

we’re out for fun and

 

this is the game we play

 

come on join in

 

and sing your troubles away

 

with a tee dlee Dum

 

a tee dle dum Tee Day

 

 

Ik kan niet ontkennen dat het algemene voorkomen van ‘Den Haag’ niet zo’n fraai beeld geeft. Laat staan dat er inspirerende vergezichten worden voorgespiegeld. En ik neem gemakshalve aan dat het die ontevredenheid is die mensen doet verlangen naar een sterke leider. Ik prijs me echter gelukkig dat het beeld van die sterke leider voor ieder individu in Nederland waarschijnlijk anders is. En als we dan via verkiezingen allemaal verschillende leiders kiezen, dan zal de schade nog wel meevallen. Hooguit wordt het een grote politieke rotzooi omdat Den Haag een weerspiegeling is van wat de Nederlandse bevolking is (of wil)!…….Dus eigenlijk zo als het nu is of in ieder geval wordt ervaren. Ze hebben daar tegenwoordig de term salonpopulisme voor uitgevonden, in mijn woorden: ,,Lekker kankeren op Den Haag, terwijl we het best goed hebben.” Want zegt het mooie Duitse spreekwoord niet: Was sich liebt, das neckt sich/ und was sich neckts das liebt sich.” Het wordt pas ernstig als de publieke opinie Den Haag niet meer zou geselen en slechts apathisch stompzinnigheden zouden uitstoten.

 

 

Tee Dum Tee Dee

 

a tee dlee ed tee day

 

It’s part of the game

 

Tee Dum Tee Dee

 

The words are easy to say

 

Just a tee Dlee Dum

 

a Tee Dlee Dum tee day

 

Tee Dum Tee Dee

 

A Tee Dle Eedo Tee Di