52. NAZAAT uit de serie de kabbelende 100

In het afgelopen voorjaar zag ik het ineens in mijn eigen huis. Ik heb een soort van schilderij van Vincent van Gogh in huis. Geen echte natuurlijk maar net zo mooi. Vanuit 20150516_115904de eettafel kijken we op de trompetterboom die ieder jaar een beetje schuiner gaat staan. Natuurlijk is het geen olijfboom, maar hij gedraagt zich er wel een beetje naar. Het feit dat ik dit ‘schilderij’ zie, maakt me wel een beetje kunstzinnig. Misschien heb ik wel een beetje bloed van de schilder in mij. Weet ik veel hoe hij naast zijn penselen ook ander instrumentarium heeft gehanteerd. Hoewel in de liefde was hij niet zo gelukkig. Ik wilde wel wat met deze compositie, ik overwoog zelfs even een schilderscursus. Wie weet? Het is er niet van gekomen en de boom eenmaal vol in blad, begon steeds schuiner te staan en blokkeerde inmiddels een normale doorgang. In de zomer zijn de bloemetjes trouwens mooi en kleurrijk, echt iets voor een schilder in een dop, maar daar is dan ook alles mee gezegd.

Inmiddels is heeft het najaar zijn intreden gedaan, hoewel het nog best groen is. Mijn eigen ‘olijfboompje’ zal er aan moeten geloven. Ik wilde vandaag een begin maken om de jonge loten er alvast af te knippen, dat scheelt over een paar weken een hoop blad. Over nazaten gesproken, als u ooit overweegt een trompetterplant oftewel een Campsis Grandiflora aan te schaffen, bezint eer ge begint. Het is echt waar onkruid, heel mooi maar het fokt zich ondergronds door. Meters verder komt het weer bovengronds en een paar weken van onachtzaamheid en een nieuwe boompje heeft zich al weer gevestigd en dan op meerdere plaatsen, over nazaten gesproken. Vandaag zou de eerste aanval op de trompetterboom gedaan worden, maar eenmaal bezig wist ik het. Het is genoeg, hij gaat er aan en wel nu. Dan maar geen schilderij à la Van Gogh. Genoeg is genoeg. Volgend jaar kijk ik wel in hoeverre hij zich stiekem toch herstelt. De nazaten van onze trompetterboom zullen nog in lengte van dagen in onze tuin melden.

20151010_151203

39. De grote Stad uit de serie de kabbelende 100

Af en toe overkomt je dat. Terwijl het waterkoud miezert, loopt je op een plek die de plaatselijke VVV niet op de cover van een toeristisch reclameboekje zou zetten. Bovendien is het in Arnhem. Toch zie je de omgeving ineens anders. Of het nu komt door sporadische oplettendheid, autonome prettige gedachten of de belichting van dat moment? Ik weet het niet, maar ineens ben ik blij met de aanwezigheid van de techniek middels een mobieltje die mijn oplettendheid in combinatie met mijn prettige gedachten en de juiste belichting probeert vast te leggen. In eerste plaats voor mezelf, maar ook anderen gun ik het delen van mijn momentopname in de grote stad. De plek had bij het invallen van de avond iets heel kosmopolitisch.  Met mijn verlichte gemoed zag ik grootstedelijke lampen en een mooie symmetrie. Achteraf zie ik vooral dat ikzelf de fotograaf ben in de grote stad Arnhem.
20141216_165659

Met de voortschrijdende technische verfijning kan iedereen fotograaf spelen. De sociale media wordt vooral gevuld met allerlei groepjes vriendinnen die gezellig op de foto staan in een uitgaansgelegenheid, of voetbalmatties die stoer een clubje vormen op de gevoelige plaat. Het is niet anders dan vroeger alleen vluchtiger en iedereen kan het delen. Het mobiele gemak zorgt ook voor meer ‘kunstzinnige’ foto’s van wannebee artistiekelingen, soms niet eens onverdienstelijk. Zelf schaar ik me niet onder die groep kunstzinnigen, ik ken mijn beperkingen en wordt bij het eindresultaat hierin bevestigd. Toch voel ik ook de drive om ‘het moment’ te willen delen en op dusdanige wijze dat anderen mee kunnen genieten. Dat zij ook voelen, zien en ervaren wat ik op dat moment ervoer. Ik had geen last van de miezerige koude regen, mijn gedachten waren bij het zojuist opgehaalde rapport van mijn zoon en dat stemde tevreden. Ik was op weg naar een provisorische kerstborrel bij ons vrimibo-kroeg en voelde me één met het beton, asfalt en de lichtval van dat moment bij het Arnhemse station. Het vertalen en overbrengen van (kunstzinnige) gevoelens is toch echt een vak apart besef ik. Was het niet Winnie-the-Pooh die zei: “When you are a Bear of Very Little Brain, and you Think of Things, you find sometimes that a Thing which seemed very Thingish inside you is quite different when it gets out into the open and has other people looking at it.”

Misschien is dat wel het wezen van vele menselijke emoties en communicatie.