Wandelen rond de hoogmis. Andreasparochie te GROESSEN

De Kerkgang

 De koude ochtendlucht maakt me meer wakker dan de douche dat heeft gedaan. Het is half tien geweest en de wandeling gaat naar de Andreasparochie in Groessen. Het kost me enige zelfdiscipline, want het is zo’n ‘day after the night before’.  Een feest van een collega die zijn vijftigste verjaardag vierde, zorgde voor enig fysiek ongemak, dus de koude ochtendlucht is erg welkom. Trouwens onder het mom ‘’s Avonds de kerel, ’s morgens de kerel, of gezien het doel van de wandeling kan ik beter zeggen ‘ ‘s Avonds het heertje, ’s morgens het heertje’, laat ik me natuurlijk niet kennen.

Een afstand van ongeveer twee kilometer moet overbrugd worden, dus ik zet er flinke de pas in. Ondanks de nabijheid van het kerkdorpje, kun je met gemak overvallen worden door een gevoel van landelijkheid. Onwillekeurig, of eigenlijk helemaal niet zo onwillekeurig, moet ik denken aan plattelandsjongeren die op zaterdagavond uit gaan en waarschijnlijk veel meer gebruiken dan ik en mogelijk ook nog wel andere spulletjes dan een ‘onschuldig glaasje Grolsch’. Ik denk dan aan oude caravans die op de boerenerven staan, vaak in de ‘Bible Belt’ van Nederland, tenminste ik ken ze van Barneveld en Ede en omstreken.

Hoe zullen deze jongens en meisjes naar de kerk gaan op zondag? En vaak moeten zij ook nog. Wat zullen zij oppikken van een dienst? Als de Andreasparochie nadert, de klokken hadden inmiddels hun uitnodigende werk al gedaan, moet ik helaas constateren dat ik wederom te laat ben. En geloof me, ik heb echt geen nieuwe hoed of jas die getoond moet worden aan de hele kerkgemeenschap door te laat te komen. Trouwens, wie kent me hier in deze kerkgemeenschap, al is de kerk hemelsbreed nog geen kilometer van mijn eigen huis. Ik ben weliswaar te laat, maar fris genoeg om mijn gedachten erbij te kunnen houden. Dat is tenminste wat.

 

De Andreasparochie

 

De keus voor de tweede kerkgang is gemakkelijk gemaakt. Als het bijna twee kilometer lopen is naar de Remigiuskerk midden in Duiven, dan heeft de Andreasparochie net zoveel recht op mijn bezoek. Bovendien zijn de klokken van de Groessense kerk veel beter te horen, mogelijk omdat de decibels niet worden tegengehouden door al te veel bebouwing. Groessen dus, voor wie het niet kent, het is samen met Loo een van de kerkdorpen van de gemeente Duiven. Een hechte gemeenschap met ongeveer 2000 zielen. De gehechtheid heeft vele uitingsvormen. Naast politieke verbondenheid, Lijst Groessen, inmiddels opgegaan in een groter geheel, heeft  jarenlang een prominente rol gespeeld in de plaatselijke politiek. Maar naast de politiek heerst er in Groessen een mentaliteit van:

‘Als de gemeente niets voor ons doet, dan doen we het zelf wel.’

Als inwoner van Duiven kun je het een beetje een Calimero-gevoel noemen, maar niet zonder gevolgen. Een feest is snel georganiseerd en als het jaarlijks moet terugkeren, geen enkel probleem. Moet het meer dan een feest zijn, zo voor elkaar. Ik durf niet te beweren dat de Groessense feesten berucht zijn, maar vanuit mijn woonkamer zijn ze vaak goed te horen. Het geeft iets vertrouwds. Als aan het begin van de herfst de muziek over de velden schalt, dan realiseren we ons:

‘Hé, de maïsfeesten zijn begonnen, het is al weer oktober, wat gaat de tijd toch snel.’

De gemeenschapszin zorgt uiteraard niet alleen voor feesten, maar ook het verenigingsleven is bruisend. Maar ook voor serieuze landelijke politieke zaken speelt de gemeenschap als een geheel een belangrijke rol. De Betuweroute loopt direct ten zuiden van het dorp en heeft ervoor gezorgd dat het dorp deels afgesneden werd van de landelijke buitengebieden. Het protest heeft niet mogen baten. De volgende bedreiging is al aanstaande, want ook het doortrekken van de A15 van Bemmel naar Zevenaar is een ‘zwaard van Damocles’ dat boven de Groeessense gemeenschap hangt. Al vele jaren trouwens.

 

Enkele jaren terug ondervond ik de bereidheid om iets te doen voor elkaar in de verbouwing/ restauratie van de Andreaskerk. Als freelancer van De Gelderlander werd mij gevraagd een verslag te doen van de werkzaamheden. Op een zonnige zomerdag trof ik een aantal vakmensen die vanuit hun eigen bedrijf de handen uit de mouwen staken en mij in een enorme stofwolk de kerk, hun kerk, lieten zien die ze aan het verbouwen waren. De tegels moesten deels uitgehakt worden. Nadien ben ik er niet meer binnen geweest, maar ik was onder de indruk van de schoonheid van deze kerk.

Deze kerk heeft een geschiedenis die stamt van voor het jaar 1000 na Christus. De laatste grote verbouwing dateert van de jaren dertig van de twintigste eeuw. De recente verbouwingen, waar ik een klein beetje getuige van mocht zijn, hebben de kerk gebracht tot een oud gebouw dat voldoet aan de hedendaagse eisen en als een sieraad pronkt in de kleine dorpsgemeenschap.

De kerkbijeenkomst

 Wederom te laat dus, maar ik kan gemakkelijk aanschuiven op de achterste bank met goed zicht op het altaar waar het allemaal gebeurt. Het is behoorlijk leeg in de kerk, bij elkaar tel ik zo’n veertig kerkgangers, waaronder het zevenkoppige kinderkoor dat onder begeleiding van een synthesizer verantwoordelijk is voor de muzikale omlijsting. De terugloop in het bezoek werd trouwens tijdens de Eucharistieviering op een mooie manier ter sprake gebracht. 

Sfeer

Het is dus zeer rustig met hoofdzakelijk mensen van boven de vijftig tot ver boven de vijftig en de dienst is in handen van de parochianen zelf met als voorganger pastor Ria Doornbusch en een andere man die verder niet bij name werd genoemd in de boekjes of de site. Mogelijk is het wel gezegd, maar heb ik het gemist door mijn verlate binnenkomst. Een oudere dame voor mij had door de verschijning van een onbekende oog voor mijn onrustige zoektocht naar een boekje van de kerkdienst en wees mij de juiste plek. Verder bood het gezelschap in de kerk aanwezig weinig reden tot afleiding. Des te meer kon ik de kerk goed in me opnemen en luisteren naar de teksten van de voorgangers.De sfeer werd versterkt toen, mogelijk de pastoor in zijn zondagse kleding, de wierook aanstak waarbij de kerkgangers gevraagd werd hun gebeden mee te laten dwarrelen met de wierook.

‘Heb ik een gebed of een wens’, vraag ik me snel af.

‘O ja, een wens, al betwijfel ik of je de Allesbestierende als een grote Sinterklaas mag aanspreken.’

‘Och, misschien ook wel als je het maar niet al te dwingend doet.’

Een collega onthulde gisteren dat ze een date had vandaag met een relatief onbekende. Ze had er zin in, ze was verwachtingsvol en ik hoop dat het een positieve ervaring gaat worden voor haar. Het is een wens die van mij mee mag dwarrelen met de wierook. De geur van wierook nestelt zich al snel in mijn neusgaten en ik ben verbaasd over het natuurkundige fenomeen van de verspreiding van de luchtdeeltjes en het tempo waarin dat gaat. Ik weet dan ook maar weinig van natuurkunde.Waar ik ook vrij weinig van weet is fotografie en dat spijt me enorm tijdens de ontbranding van de wierook. Of het bewust is gedaan of toeval, ik weet het niet, maar de zon scheen in stralen door de glas-in-lood ramen. Een gekleurde straal nam de wierookkrinkels mee naar boven. Eerst onder de indruk van de schoonheid van het fenomeen, daarna een vloek onderdrukkend omdat het me zo spijt dat ik niet zo’n goede fotograaf ben om dit vast te leggen. Bovendien, al zou ik het kunnen, dan durf ik de dienst niet op een brute wijze te onderbreken.

 

Thema

Het thema van de bijeenkomst was ‘Een kans geven’ waarbij uit het boek Lucas 13, 1-9 het verhaal verteld werd over een vijgenboom in een boomgaard die na drie jaar nog geen vruchten heeft gegeven. De verbouwer van de boom krijgt de boodschap de boom maar om te hakken. Het is immers zonde van de moeite. Toch wil de boer niet zo ver gaan en vraagt nog om een kans. Misschien volgend jaar als ik mijn best doe. Een kans geven als thema waarbij de pastor ‘zonder naam’ de ontvolking van de kerkgemeenschap aanhaalt en vooral ook de link legt tussen de zeer negatieve berichtgeving over de katholieke kerk. Hij kan zich niet vinden in het onthouden van de hostie aan homo’s, de bezoedeling van kinderen in ’s Heerenberg en de reactie van de katholieke kerk in Ierland, VS en Duitsland die de kerkgemeenschap financieel laat opdraaien voor de geldboetes van het seksueel misbruik bij kinderen door hun priesters.

De pastor benoemt zijn eigen werksituatie waarin hij aangeeft dat de werkvloer de managers moet aansturen, omdat de werkvloer waarschijnlijk beter weet waar het om gaat. Hij roept de parochianen op om de kerkelijk leiders op te voeden en de weg te wijzen hoe het moet. Het aansturen van kerkleiders is een betere reactie dan teleurgesteld weglopen van de katholieke kerk. Zij moeten ook nog een kans krijgen. Hij zal bij het uitspreken van deze woorden ook gedacht hebben hoe de kerk er twintig jaar geleden bij stond. Ook in Groessen heeft de ontkerkelijking zijn sporen nagelaten, ondanks de gemeenschapszin.

   

Overpeinzing

Het opvoeden van de leiders, of ze nu kerkelijk zijn of niet. Het is een zeer actueel thema in tijden dat er door de media gesproken wordt over een gezagscrisis bij politiek leiders. Ook het aanhalen van de kennis van de werkvloer in de zorg, het onderwijs en vele andere maatschappelijke gebieden, is een belangrijk issue. Een managers’ manager zorgt voor bureaucratie, maar een ‘people’s manager (een vreselijk woord trouwens, ik zou liever willen spreken over een voorman of vrouw of voor mijn part een primus inter parus) laat mensen beter functioneren. Zo zouden kerkelijk leiders dat ook moeten doen, zodat parochianen zich weer thuis voelen bij hun kerk.

Maar hoe zit dat dan met die politieke leiderscrisis. Is een politieke partij met een ondemocratisch gekozen leider de oplossing? Is een leider iemand die alleen de ontevredenheid van zijn kiezers laat weergalmen, zonder met oplossingen te komen dan het ideaalbeeld? Is het laten zegevieren van louter ontevredenheid niet gedoemd tot verdere maatschappelijke escalatie?

Er is denk ik niet alleen sprake van een leiderschapscrisis, maar ook een algehele maatschappelijk en culturele crisis.

De wandeling terug

De warme zon op mijn rug, terwijl het aan de schaduwkant tijdens het lopen nog behoorlijk koud is, brengt me gelukkig uit de doemstemming. Onderweg word ik tot twee keer toe aangesproken door totaal onbekende joggers, terwijl ik in een rustig tempo naar huis loop. Geheel toevallig roepen ze beide dat ik maar moet gaan hardlopen.

Ik kijk ze verbaasd na.

‘Jullie moeten maar naar de kerk gaan’, wil ik ze naroepen.

Maar och, dat moeten ze ook zelf weten, misschien werkt hardlopen ook wel heel louterend. Ik weet het eigenlijk wel heel zeker, terwijl ik een sigaret opsteek.

 

Andere wandelingen:

Hoe het begon; H. Remigius, Duiven; Andreasparochie, Groessen; Pauluskerk, Raalte; Abdij Sion, Diepenveen; Werenfriduskerk, Westervoort ; St. Antonius Abt Parochie, Loo; St. Stevenskerk, NijmegenMartinuskerk, Twello ; St. Mary -Star of the Sea Church, Hasting (GB); Ned. Herv. Kerk, Achlum; Kölnerdomkirche, Keulen; Stephanuskerk, Borne ; Vrij Katholieke Kerk ChristusPantocrator, Raalte, Stephanuskerk, Heel

Wandelen rond de hoogmis: H. Remigiuskerk DUIVEN

De Kerkgang

 ‘On a mission’ naar de kerk om een stukje te schrijven. Het eerste blogje zal vanzelfsprekend in mijn eigen woonplaats beginnen. Een wandeling van ongeveer twintig minuten vanaf mijn eigen huis. Het blijkt iets te krap ingeschat, want met het luiden van de klok voor half elf, moest ik nog 50 meter afleggen. Te laat dus en ik schuif ergens achteraan om tegen een pilaar aan te kijken. Voor een volgende keer neem ik me voor hier meer aandacht aan te besteden om zo een strategische plek op een strategisch tijdstip binnen te komen in het belang van betere observaties.

  

Onderweg hoor ik gedurende meer dan vijf minuten de klokken me al welkom heten. Als kind is me verteld dat ze riepen:

‘Komt allen, komt allen!’

Ik hoorde dat er dan ook echt in, als de klokken beierden. Nu niet meer, desalniettemin denk ik welkom te zijn.

  Met een flinke pas loop ik door de nieuwbouwwijken met bijbehorende parkjes en waterpartijen. Sommige mensen groet ik, anderen niet. Duiven is een uit de kluiten gewassen groeigemeente waar het vanzelfsprekend is om mensen te groeten, maar voor hetzelfde geld gebeurt dat niet en dat wordt dan niet als een grove daad van oneindige onbeleefdheid gezien. Het is winderig, maar beslist niet koud. Er schijnt zelfs een waterig zonnetje. Dat hadden de weergoden niet hadden voorspeld. Maar die gaan er dan ook niet over. Het is een typische herfstige, net geen lente, zondag.

De Kerk 

Het doel van de wandeling is de Heilige Remigiuskerk te Duiven. Het oude gebouw is eigenlijk heel atypisch in de overwegend moderne kern van het dorp Duiven. In de vaart der volkeren is er van het oude lintdorp Duiven hoegenaamd niets meer over. Alles heeft moeten wijken voor nieuwbouw en tot overmaat van ramp moet die nieuwbouw weer wijken voor een prestigieus nieuw centrumplan. Dat heeft vier jaar geleden veel politieke commotie veroorzaakt. Het gevolg was dat het toenmalige zittende college (PvdA, VVD en een lokale partij) in zijn geheel vervangen is door het CDA en GroenLinks. Met name de deelname van deze laatste partij is zeer opmerkelijk in de Duivense politieke verhoudingen. Vier jaar later zijn de plannen met tussenkomst van een referendum aangepast. Op het plein voor de kerk zijn de eerste aanzetten voor de werkzaamheden gestart. Aankomende woensdag mag de bevolking van Duiven zich uitspreken of het CDA en GroenLinks verder mogen.

De Remigiuskerk heeft de tand des tijds doorstaan. In de negende eeuw was er al sprake van een kerk in en rond Duiven als onderdeel van een Frankisch Herenhof. In de huidige staat zijn resten (turfstenen) uit de twaalfde eeuw nog te vinden in de fundering van de toren. De bouwstijl uit de vijftiende eeuw is gotisch, met een neogotische uitbereiding aan het begin van de vorige eeuw. (Voor meer informatie volg de link)

Remigius is een Heilige die ik, voordat ik in Duiven kwam, niet kende. De kerk is dus genoemd naar de Heilige Remigius (Saint Remi) van Reims. Hij was bisschop van Reims en ijverde zich sterk voor de uitbereiding van het Christendom in het toenmalige Gallië. Hij doopte koning Clovis l (466-511). De bisschop van Reims is patroonheilige tegen pest, keelpijn, slangen, epidemieën, koorts en religieuze onverschilligheid. Al met al een respectabel rijtje voor één patroon.

Om half elf begon de viering met pastor Mirjam Verschure en pastor Huls. Het thema van de presentatieviering voor aankomende communicanten was ‘Ik ken je wel’. De muzikale omlijsting was in handen van het kinderkoor Do-re-mi-gius onder leiding van een enthousiaste dirigente Anneke Klepper en begeleid door organist Guus van Marwijk.

De dienst, mis of viering

Thema

Voorbereiding op de eerste Heilige Communie, dat belooft een bijeenkomst met veel kinderen. De kerk zat dan ook behoorlijk vol bij mijn binnenkomst. Onder het gezang van het koor ‘Maak een vrolijk geluid voor de Heer’ nam ik zoals gezegd achterin plaats, onbewust een beetje afzijdig van de andere kerkgangers. Met het thema ‘Ik ken je wel’ stelden de kinderen zich publiekelijk voor. Want iemand zijn, een naam hebben, dat is heel belangrijk voor je medemens, maar ook voor God. In begrijpelijke taal gericht op de jonge kinderen wordt uitgelegd wie of wat God is. God is liefde en liefde kun je niet zien, maar wel voelen, de zogenaamde hand van God. En God heeft onze handen nodig om een Goede Herder te zijn, door goed voor elkaar te zijn. Pastor Mirjam Verschure maakt wel meteen duidelijk dat minder fraaie dingen die mensen doen niet de schuld zijn van God, maar van de mensen zelf. Maar God kan wel naast je staan om te helpen het goede te doen.

Ik denk dat de pastor er heel goed in geslaagd is om het een en ander in klare ‘Jip en Janneke-taal’ over te brengen op de kinderen. Ik begrijp het in ieder geval heel goed wat ze wil overbrengen. Over de vastentijd wordt trouwens geen woord gerept, maar dat is ook helemaal niet zo’n leuk thema voor vrolijke jonge aanstaande communicantjes.

Sfeer

De bijeenkomst kenmerkt zich door een informele sfeer, los en vrolijk. Dat doet me denken aan een opmerkelijk teletekst bericht gisteren op tv. Belgische priesters zouden naar Nederland uitwijken om dat de Vlaamse kerk te progressief zou zijn. Qua stijl was de dienst in Duiven verre van conservatief. Maar ook inhoudelijk viel het mij op dat pastor Huls bij de ‘Dienst van de Tafel’ een minieme afwijking maakte ten opzichte van de tekst in het bijbehorende blaadje. God, onze Vader, zoals te lezen was, werd tot twee keer toe aangevuld met Moeder. Het beeld van de man met baard, in de katholieke beleving dan meestal nog een goede man die heel vergevingsgezind is, wordt aangevuld met ‘Moeder’. Misschien begrijp ik het niet helemaal en heb ik een theologische afslag gemist, maar dat komt mij verre van conservatief over.

Aan de andere kant, op het moment dat ik sinds jaren weer op zondag naar een kerkdienst ga, zet de katholieke kerk zichzelf in de negatieve schijnwerpers door moeilijk te doen over het ter communie gaan van homo’s. Dat is dan even lekker, en heel reactionair. Dus in die zin hebben de Belgische priesters gelijk.

Over de communie gesproken, het was bruin brood. Mijn voorkeur ging vroeger altijd uit naar witgebakken hosties. Maar voor mij was het een primeur om het brood te mogen dopen in de wijn. Dit was volgens mij altijd voorbehouden aan de priester.

Een van de jonge communicantjes in spé wilde overigens ook ter communie, of beter gezegd, hij wilde niet alleen achterblijven, terwijl zijn moeder naar voren liep. Persoonlijk had ik de indruk dat er veel jonge aanwezigen nog niet zo vaak de kerk van binnen hadden gezien. Sommigen hadden moeite stil te zijn, anderen stonden op de stoelen om maar niets te missen en zelf werd ik menigmaal aangestaard door een meisje van amper vier jaar, die omgekeerd op haar stoel zat, tenminste als ze geen ruzie maakte met haar oudere broer. En als die dan reageerde, siste ze snel ‘ssstttt’ terwijl ze haar moeder braaf aankeek. Deze jongedame had de Jip en Janneke taal van de pastor nog niet helemaal begrepen. Haar tijd komt vast nog wel.

Met ‘Ik ken je wel’ als thema, zijn wij allen schaapjes van de Goede Herder die onderling allemaal herkenbaar zijn voor God en voor elkaar. Zo leert pastor Mirjam Verschure ons dat. Ik kende niemand van de aanwezigen, des te meer schrok ik bij het Gebed om Vrede dat de tekst van het bijbehorende liedje ‘Geef mij je hand’, ook letterlijk werd genomen. Alle anderen wisten dat blijkbaar wel. Ze gaven elkaar de hand en wensten elkaar vrede. Ik zat wat afzijdig, en sloeg het vriendelijke geroezemoes gade. Maar een oudere collectant, ietwat streng vorsend de kerk in kijkend, sloeg mij blijkbaar gade. Heel vaderlijk stond hij op om ook mij een hand te geven en vrede te wensen. Uiteraard heb ik hem hetzelfde gewenst.

Wegsjokken

Als de laatste noten van het afscheidslied klinken, wordt de bel geluid als teken dat het klaar is voor vandaag. Organisatorisch moeten er nog enige mededelingen gedaan worden aan de communicanten en hun ouders. Dus van een massaal wegsjokken en elkaar bijpraten, zoals ik dat ken van vroeger, was geen sprake. Velen bleven nog even achter. Voor mensen die koffie verwachtten, moesten wachten tot dinsdag. Dan is er na de Eucharistieviering van half tien wel de mogelijkheid tot koffie drinken.

Wat een onmogelijk tijdstip en wie zal er dan zijn, vraag ik me af. Ik verwacht veel minder kerkgangers dan vandaag in de Remigiuskerk.

Het gelijknamige café is er, maar een traditie van kroegbezoek na de kerkdienst bestaat niet. Het Grand café is dan ook gesloten. Het maken van een foto met vooraanzicht is niet mogelijk in verband met de werkzaamheden.

Overpeinzing

De goede gaven tijdens de collecte gingen niet alleen naar de kerk zelf, maar ook naar een spaaractie die ondersteund wordt door de communicanten. Het geld wordt  ingezameld via ‘Wereldkinderen projecthulp China’ onder leiding van Sjaak Kleintjes. Hij benoemt de schrijnende situatie van de vele gehandicapte weeskinderen in China en probeert via de actie een bijdrage te leveren om hun noden te stelpen. Hij vertelt ter verduidelijking een Chinese parabel.

Tijdens een storm, drijven duizenden zeesterren op het strand. Een meisje pakt de zeesterren en zet ze terug. Een oude man beziet haar verrichtingen en zegt:

‘Wat heeft het voor zin, er liggen duizenden zeesterren op het strand?’

Het meisje kijkt de man aan en pakt andermaal een zeester en geeft het diertje de vrijheid terug.

Ze zegt tegen de oude man: ‘Maar voor deze heeft het wel geholpen.’

Op het Remigiusplein kijk ik tegen de dreigende bouwput die mogelijk zal ontstaan de komende maanden. Woensdag mag de Duivense bevolking zich politiek weer uitspreken. Hoe ‘verschillig’ zijn zij over de opbouw van hun dorp en hun woonomgeving? Midden in Duiven staat de kerk van de patroonheilige tegen religieuze onverschilligheid. Misschien dat hij vanaf ‘Boven’ een oogje dicht wil knijpen en er ook even wil zijn voor onverschilligheid in het algemeen, want de verwachting dat meer dan veertig procent belangstelling gaat tonen voor de gemeenteraad is niet erg waarschijnlijk.

Wandeling terug

De eerste wandeling rond de hoogmis is hiermee ten einde. We laten de informatie indalen in de twintig minuten lopen terug. Kunnen we er wat mee, is er een blogje van te maken? Ach, we zullen zien. Het zal nog wel even zoeken zijn naar de vorm.

 

Andere wandelingen:

Hoe het begon; H. Remigius, Duiven; Andreasparochie, Groessen; Pauluskerk, Raalte; Abdij Sion, Diepenveen; Werenfriduskerk, Westervoort ; St. Antonius Abt Parochie, Loo; St. Stevenskerk, NijmegenMartinuskerk, Twello ; St. Mary -Star of the Sea Church, Hasting (GB); Ned. Herv. Kerk, Achlum; Kölnerdomkirche, Keulen; Stephanuskerk, Borne ; Vrij Katholieke Kerk ChristusPantocrator, Raalte, Stephanuskerk, Heel

Wandelen rond de hoogmis: INLEIDING

De geboorte van een idee. We schrijven zondag 21 februari 2010, een sombere zondagochtend. In het kader van meer bewegen en ter voorbereiding van wat hardlopen ben ik gestart met stevig wandelen, precies zoals vermeld staat in allerlei opbouwschema’s. Het kost relatief weinig inspanning, maar het zuurstofgehalte in je lichaam neemt per stap toe. En met een overdosis aan zuurstof, schijnt het denkvermogen ook toe te nemen. Als roker denk ik stiekem het tegenovergestelde, want de sigaret geeft me de ontspanning en het concentratievermogen. Wetenschappelijk is dat echter niet te onderbouwen.

Goed, zondagochtend een wandeling van vijf kilometer in de buurt met alle vrijheid om je gedachten de loop te laten. En natuurlijk sigaretten bij de hand omdat een overdosis zuurstof dreigt. Tijdens het wandelen zie ik fietsende kerkgangers. Hun plicht zit er op, als er sprake is van plicht. Wat zullen ze gehoord hebben of als ik cynisch ben, wat zouden ze gehoord kunnen hebben? Was het druk in de kerk en wat voor soort mensen zouden er aanwezig zijn? Zijn er überhaupt wel mensen aanwezig geweest, behalve de wegfietsende kerkgangers? En de preek, was die een beetje ter lering ende vermaeck. Of mag het niet vermakelijk zijn? Hoe zou ik de preek hebben ervaren? Nooit zal ik erachter komen, want het is al jaren geleden dat ik met regelmaat naar een kerkdienst ging.

Van huis uit ben ik katholiek opgevoed, heel liberaal katholiek weliswaar, want mijn ouders hadden begin jaren zeventig al moeite met het conservatisme van het Roomsche kerkelijke leven, hoewel zij zich tot op de dag van vandaag verbonden voelen met het geloof. Het is echter nimmer meer een gespreksonderwerp. Het laatste gesprek hieromtrent was het bidden aan tafel. In de puberteit hadden mijn broer en ik genoeg van de ‘Onze vaders’ en ‘Weesgegroetjes’. De kerkgang was nooit een verplichting, maar bidden voor het dagelijkse brood bleef heel lang een vanzelfsprekendheid. Niet voor mijn broertje en mij dus en we ageerden hiertegen. Kort maar onverwacht verzet boden mijn ouders. Op mijn voorstel, zoekende naar een compromis, stelde ik voor niet de Here te bedanken, maar mijn vader voor zijn inspanningen om het geld te verdienen en mijn moeder die de gelden wist om te zetten in een heerlijke (brood)maaltijd. Hulde voor mijn ouders. In mijn herinnering hebben we dit eenmalig gedaan. Iedereen zag het belachelijke ervan in en daarmee was op mijn veertiende het laatste kerkelijke ritueel ten einde. Tot mijn twaalfde levensjaar was ik trouwens het vroomste jongetje in het gezin. Ik was misdienaar, ik bracht parochieblaadjes rond en met onheuse intenties, ik was verliefd op een meisje dat op het kinderkoor zat,  liet ik mij ook nog van mijn beste vocale kant horen.

Op dit moment ben ik formeel nog katholiek, maar wat ik informeel ben, weet ik eigenlijk niet zo goed. Dit gebrek aan kerkelijke identiteit ervaar ik geenszins als een gemis. Wel heb ik naarmate ik ouder ben interesse in waarom mensen geloven, hoe ze geloven en wat geloof voor hen betekent in het dagelijkse leven. En al neemt de kerkelijkheid nog steeds af, de levensvragen in relatie tot geloof, ongeloof of van mijn part het ‘ietsisme’ blijven onverminderd aanwezig. De samenleving lijkt er op dit moment zelfs door te splijten in twee of meerdere delen.

Terug naar mijn zuurstofrijke momentje. Wat let mij om met enige regelmaat op te tekenen wat er tegenwoordig in de verschillende kerken gebeurt? Helemaal niets dus, ik hoef er alleen maar naar toe te gaan en te luisteren. Dan kom ik er achter wie er zitten, wat ze doen of niet doen en kan mijn eigen gedachten laten gaan over wat er gezegd wordt. Een nieuwe serie ‘Wandeling rond de Hoogmis’ is geboren. Een soort persoonlijk kerkverslag dus. We gaan ons zelf maar eens verbazen. Ik heb al een nieuw fototoestel gekocht, nu maar hopen dat ik mijn woorden kan versterken met een aantal passende foto’s. Ik hoop dat u me zult en kunt volgen tijdens mijn wandelingen.