38 VERMIEREN uit de serie de kabbelende 100

Een zomerse november zondagmiddag, wat doe ik in de IKEA? Zelfbeklag is niet terecht, maar ik verwijt mezelf onnadenkendheid. In de aanloop naar het Zweedse Warenhuis verbaasde ik me al over de superdrukte bij de Intratuin, Praxis en de Kwantum. Het kan allemaal op zondagmiddag in Duiven, een werelddorp.
Het droge commentaar van mijn partner is:,, Dat is iedere zondag, welkom in 2014.”
Als ik gevoelig zou zijn voor hyperventilatie, dan was nu mijn moment of fame aangebroken. Ik baalde enorm, want ik weet wat mij het komende uur te wachten staat. Er is geen terugkeer mogelijk, de WC-bril moet vervangen worden. Dus mijn misantropische instelling zal bevestigd worden in de mierenhoop die IKEA heet. In lome irrationele tred slentert de mensheid gapend langs de keukens, banken en plastic hebbedingetjes.
Het ligt aan mij, zonder meer, maar wat heb ik zin om al die dikke wiebelbillen te schoppen, heel, heel hard.

20141102_163732
Wat is dat toch dat mensen, zelfs op mooie dagen, altijd maar weer naar elkaar toe trekken? Of het nu IKEA is, de meubelboulevard, zaterdagmiddag in een willekeurige provinciestad, een house-party, koningsdag of Lloret de Mar. Altijd zoeken ze elkaar weer op. Zou het in de genen zitten en welk gen mis ik, want ik vind mensenmassa’s niet prettig. De enige uitzondering is een voetbalwedstrijd van Feyenoord, maar daar lopen de mensen voor de wedstrijd allemaal dezelfde richting op, met het zelfde doel. Na de wedstrijd lopen ze wederom in dezelfde richting met een redelijke gelijke stemming, al naar gelang het verloop van de wedstrijd is geweest.
Dat gedrentel bij IKEA, dat plotse stilstaan en teruglopen als kippen zonder koppen is ronduit verschrikkelijk.
Ter plekke bedenk ik dat voor dit gedrag nog geen werkwoord is uitgevonden, dus bij deze voeg ik het woord VERMIEREN toe aan de Nederlandse taal. De betekenis is kort weergegeven: ,,Krioelende massa mensen onder het mom van gezelligheid, die zich op irrationele wijze een weg banen in de meute en op feestjes blijft beweren dat het heel gezellig was, hoewel hun gezichten ter plekke nonverbaal andere signalen afgaven.”
Misschien staat het over tien jaar wel in de dikke Van Dale? En als over honderd jaar de ontstaansgeschiedenis van VERMIEREN wordt gegeven staat er vast in het etymologische woordenboek: ,,VERMIEREN is voor het eerst gebruikt door een penopauzerige balkonmuppet die daarbij wist te voorkomen dat hij zijn misantropische inslag zou projecteren op zijn domme medemens.

En dan ben je iemand.

37 EEN BELGENMOP OF DE GIERIGE OLLANDER uit de serie de kabbelende 100

 

Heel soms hoef je helemaal niet je best te doen om een blogje te schrijven. Het komt vanzelf per mail binnen. Om een vierdaags verblijf in België voor te bereiden, zocht ik naar vervoersmogelijkheden voor de laatste 10 kilometer. Ik overweeg te lopen, want overdag is het openbaar vervoer ter plekke zeer beperkt. De auto blijft thuis zodat mijn wederhelft haar mobiliteit niet hoeft te missen. Lijkt me billijk. Nog even een onderzoek op fietsverhuur in de omgeving. Het hoeft geen superdeluxe tweewieler te zijn want op dinsdag een goede 10 kilometer heen en op zaterdag weer terug. Dit moet volgens mij geen probleem zijn, dus een betrouwbare website, aangesloten bij een vereniging van Toerisme schrijf ik aan met mijn verzoek.
Het volgende antwoord krijg ik terug! Omwille van de privacy laat ik (topografische) namen weg uit deze mail.

 

Beste xxx

 
Hartelijk dank voor uw aanvraag.

 
Op datum van 18 november tot en met 22 november hebben wij een herenfiets beschikbaar voor u.

 
Wij kunnen deze leveren en ophalen aan het station van xxx, hiervoor rekenen wij vervoerskosten aan, nl. 1,61 euro per afgelegde kilometer.
De kostprijs van een herenfiets is 10 euro per fiets per dag. De waarborg hiervoor bedraagt 25 euro.

 
Totale kostprijs verhuring:
–          Herenfiets: 10 euro x 5 dagen: 50 euro
–          Vervoerskosten:
o   Leveren: dinsdag 18 november station xxx: (28,10 km x 1,61euro/km ) x2 (xxx– xxx – xxx) : 90,48 euro
o   Ophalen: zaterdag 22 november station xxx: (28,10 km x 1,61euro/km ) x2 (xxx – xxx – xxx) : 90,48 euro
o   Totaal vervoer: 180,96 euro
–          TOTAAL verhuur: 230,96 euro + 25 euro waarborg: 255,96 euro

 
Opgelet! De reservatie is pas definitief na het overschrijven van het totaalbedrag op ons rekeningnummer: BE00000000000 met als mededeling: xxxxxxxxxxxxx
Gelieve de mededeling te vermelden bij het overschrijven van het bedrag.

 
Indien bovenstaande formule te prijzig is. Is er een andere oplossing, nl. Blue – Bike.
U kan een abonnement aanvragen. Hiervoor betaald u 10 euro voor een volledig jaar. Dan betaalt u per verhuring van een blue bike 3 euro per keer. Maar in xxx, xxx en xxx hebben wij een overeenkomst met het stadsbestuur, nl. het derde betalerssysteem. Het Stadsbestuur of gemeentebestuur legt hier 1 euro voor bij, net als de Vlaamse Overheid, dan bedraagt voor de kostprijs van een verhuring maar 1 euro voor u.

 
Met een abonnement kunt u over heel Vlaanderen blue bike fietsen huren, onder voorwaarde dat er een fietspunt bevindt aan het station waar ze blue bikes verhuren.
U vindt hierover meer info op: http://www.blue-bike.be.

 
Hopelijk heeft u hiermee voldoende informatie.
Indien u nog vragen en/of opmerkingen heeft, aarzel niet om contact met ons op te nemen.

 
Met vriendelijke groeten,

 

de verhuurder

 

Ik heb een vriendelijke mail teruggestuurd en uiteraard bedankt voor het aanbod. Ik ga er niet op in. Ondertussen vraag ik me af of ik nu in een Belgenmop ben beland of dat ik nu het prototype ben van een gierige Ollander. Ik denk dat de fietsenverhuurder al aanvoelde het laatste, dus hij komt met een betaalbaar, maar voor die ene keer, een omslachtig alternatief.

 

36. WAT IS DIT NU WEER? Uit de serie de kabbelende 100

20140906_230127_Android

Wat is dit zult u zich afvragen bij het zien van bovenstaande foto? Ik zal het u nader uitleggen. Dit is een foto van mij mobiel tijdens de laatste wandeling gisteravond met de hond. Het is reuze handig zo’n smartgeval om kiekjes te maken en nog handiger is de software door mijn jongste zoon aangereikt om bij thuiskomst zonder extra handelingen de foto’s op de computer te kunnen zien. Ik ben niet zo heel handig in het maken van treffende foto’s. Maar tijdens het wandelen dacht ik, wat is dat bij die school aan de overkant van het water. De lampen branden in het schoolgebouw en dat geeft in een relatief donker parkje achter ons huis een bijzonder effect. Dat is het dus. U moet het maar van me aannemen. Maar ik dacht ook, wat is dat, die felle lampen op zaterdagavond in de school. Zal er iemand binnengeslopen zijn? Ik zag of hoorde verder niemand. Waarschijnlijk zal de laatste de vrijdag ervoor de lamp niet hebben uitgedaan. Ik hoop dat dit blog geen aanleiding zal geven voor een standje van de bovenmeester. Misschien was het de bovenmeester zelf wel, wie zal het zeggen. Een spannende thriller met Sodom en Gomarra is al in de maak in mijn hoofd.
20140906_230203_Android
En dit? Nu na een paar meters verder lopen, kwam de artiest in mij naar boven bij het zien van de weerkaatsing van de verlichte bovenverdieping. De artiest in spé ten spijt, daarmee wordt het nog geen fijne foto. Bij een tweede poging lukte het me, conform de artistieke wetten van de fotografie, om het origineel en het spiegelbeeld in het water op een plaatje te zetten. Daarmee is dan ook alles gezegd naar mijn mening. Valse bescheidenheid speelt geen rol in deze zoals u ook zult ervaren. Toch vind ik het bijzonder jammer dat ik mijn ervaring op dat moment niet fotografisch met u kan delen. Een blik zegt vaak veel meer dan een diarree aan woorden, die mogelijk meer vragen oproept dan dat er artistieke antwoorden gegeven kunnen worden.

20140906_230217_Android
We lopen verder, de hond en ik. De hond is zwart en het is donker. Met voldoende zelfkennis besluit ik geen poging te wagen de hond op deze aangename septemberavond te vereeuwigen. Dat gaat niet lukken en dan zult u zich zeker afvragen ‘Wat is dat nu weer?’ Dan worden we opgeschrikt door een hoop gepiep en gebliep en we zien een een rood en een blauwig lichtje. Aan de waterkant, we hadden hem nog niet ontwaart, dat wil zeggen, ik had hem nog niet gezien, mogelijk Pippa wel, maar die had er nog geen aandacht aangeschonken. We bleven beide staan en onder de parasol rees een gedaante. Op onze vraag, gemakshalve ga ik ervan uit dat Pippa dezelfde nieuwsgierige instelling heeft als ik, wat is dit nu weer, komt het antwoord. Ik vraag me wel af wie er nu om elf uur ’s avonds midden in de wijk, waar honden worden uitgelaten en waar het licht van de school brandt, gaat vissen. Goed er is water en waarschijnlijk vis, aan die voorwaarden is voldaan, maar is dit nu echt de rustieke plek om in het holst van de nacht te gaan vissen. Pippa vroeg zich volgens mij niets meer af, ze wilde verder. Maar zo moest nog even wachten op de laatste foto. Mocht u zich afvragen wat dat lichtje aan de rechterkant is. Dat is dus de visser die op electronische wijze werd gewaarschuwd dat er vis onderweg was. De rest van de lichten in de overwegend zwarte foto heb ik reeds verklaard.
20140906_230331_Android

35. PRIMARK-BELEVING uit de serie kabbelende 100

Het was opvallend rustig in de stad. Het was nog vroeg, maar rond half elf had ik het toch drukker verwacht in een van de leukste steden van Nederland. Ik was er wel blij mee, want er moesten boodschappen gehaald worden. Mijn humeur is dan breekbaar en als het druk is, krijg ik schopneigingen. Dus Nijmegen, here I come, maar wel lekker relaxt. Bij De Waag zaten er nog weinig mensen op het terras en bij de HEMA was ik meteen aan de beurt bij de kassa. Ondanks het mooie weer en de vakantieperiode had men blijkbaar nog geen zin in de stad. Richting Plein 1944 bleef het rustig. Ik zag grote, voor mij nieuwe gebouwen, verschijnen. Al een tijdje niet echt in de stad geweest. Tot mijn positieve verwondering was het Plein na zoveel jaar echt opgeknapt. Er zullen mensen zijn die het minder vinden, maar ik denk WAUW.

20140731_104812_Android

,,Zullen we even naar de Primark gaan” opperde mijn wederhelft. Mijn gezicht zal boekdelen hebben gesproken, maar ik zei zo cynisch mogelijk: Joepie! Ik was er nog nooit geweest, maar ik weet uit verhalen dat de ene helft van de mensheid helemaal losgaat bij het horen van het woord Priemark of is het toch Praimark? Het kan me niet schelen. Mijn jongste zoon had enige weken ervoor in Berlijn zijn vuurdoop gehad en het was hem niet bevallen. En hij is een geëmancipeerde jongeling die bovengemiddeld tijd besteedt aan het uitkiezen van de juiste kleding. Maar dit fenomeen van vechtende oestrogenen en progesteron heeft hem een dubieuze kijk op de mensheid gegeven. Ik had het hem kunnen vertellen, maar wie luistert er naar een brommende penopauzer? Hij heeft nu vooral principiële bezwaren, want hij twijfelt of de goedkope textielverdwazing niet op het conto komt van veel kinderhandjes. Ik weet het niet.
Goed om een oordeel te vellen moet je er toch een keer zijn geweest. Het pand is veelbelovend en bovendien op een echte A-locatie. Ik slik een keer en loop naar binnen. ,, O, hier zitten dus al die mensen op dit tijdstip van de dag!” Mijn zoon verzekert me dat het qua drukte niets voorstelt. Goed, je kunt niet over de hoofden lopen, maar de helft van het winkelende publiek is die ochtend toch geconcentreerd in ‘the hell for men’. Ik trek me terug en geniet van het lege plein. Tip, als je je vrouw kwijt bent in de stad, weet je waar je moet zoeken, mocht dat je intentie tenminste zijn.

20140731_104457_Android

34. RIJKDOM IN MIJN TUIN uit de serie de kabbelende 100

Sommige zaken lukken niet, hoe hard je ook je best doet. Andere gaan vanzelf, zo is het leven. En zo is het ook in de tuin. Zorgvuldig gezaaide bloembedjes voor vlinders en bijen komen voorlopig moeizaam uit de grond, andere planten kunnen verwaarloosd worden en zonder enige aanleiding zijn ze groot en aanwezig. Vraag me niet waarom, maar mijn lupinus polyphyllus, vorig jaar geplant, heeft maximaal gebruik gemaakt van de zachte winter. Terwijl zijn tweelingbroertje een kleine twee meter verderop met drie kleine knopjes en nog lang niet de helft van de omvang een zieltogend bestaan lijkt te leiden, is zijn grote broer magistraal aanwezig in de voorjaarstuin die nog lang niet op zijn hoogtepunt is. De lupinus is dat wel. Met zijn mannelijke agressieve uitstraling punten de langwerpige bloemen zeer aanwezig naar de hemel. Ze stralen kracht en een vanzelfsprekendheid uit. Andere planten durven bijna niet meer te komen.

2014-05-20 20.00.27
En eerlijk hoor, ik heb ze geen extra mest, water of andere kunstmatige middelen toegediend, ze zijn helemaal clean. Ook geen goji bessen of chia zaad is er aan te pas gekomen om de lupines tot extreme wasdom te laten komen. Als dat zou helpen, dan had ik het zelf dat superfood natuurlijk ook al lang genomen. om arrogant naar de hemel te wijzen. Ik weet niet waar ik het aan verdiend heb, maar mijn veronachtzaamheid heeft klaarblijkelijk een tegenreactie opgeleverd van nadrukkelijke manifestatie. Voorlopig geniet ik er maar van. Maar heel stiekem denk ik dat na de zomer ook voor de lupines de aftakeling gaat beginnen en met die langzame verdorring zullen er slechts grote zaden overblijven herinner ik me uit voorgaande jaren. En met die zaden ga ik rijk worden, heel rijk, want ik zal ze planten en er zullen sterke nakomelingen komen, hele sterke nakomelingen. Met zijn allen zullen ze met hun pontificale rijkdom naar de blauwe lucht wijzen en nieuwe sterke zaden afgeven. En zal ik u vertellen, een goed bewaard geheim, Noord-Amerikaanse indianen gebruikten de zaden als een natuurlijk afrodisiacum. Niet doorvertellen, maar er is in de slipstream van de superfoods goud geld met te verdienen. Ik ga rijk worden van mijn eigen tuintje, het geld ligt gewoon op straat. Voorlopig verwaarloos ik de planten met zorg, want dat is het allerbeste voor ze. Gewoon geen aandacht besteden aan dat plantaardige machogedrag, daar worden ze week van en dan is het afgelopen met mijn goudmijn.

33. WIE BEN IK? uit de serie de kabbelende 100

Kent u dat spelletje ‘Wie ben ik?’, een stel lollige BN-ers doen een raadspelletje. Een regelrechte dijenkletser, want al jaren wordt dat de bevolking voorgeschoteld. Er is een publiek voor. In mijn studententijd speelden we het ook wel eens, met shagvloeitjes die dan op het voorhoofd werden geplakt. Lachen, gieren, brullen, tenminste als het bier rijkelijk vloeide. Ik moest er vanmorgen aan denken op weg naar mijn werkplek in Deventer. Al rokend liep ik langs de stadsschouwburg. Het gebouw heeft een opzichtige tekst op de rand van het dak namelijk: BREEK DE LUCHT, RAAK DE GRENS, OPEN DE TIJD, VIND DE MENS. Ik moest even denken of VIND niet met dt moest, maar vooral overdacht ik de gedachtekronkel met het roemruchte tv-spelletje Wie ben ik eigenlijk, vroeg ik me af. Een mens zou zijn leven lang met een vloeitje op zijn voorhoofd moeten
lopen en zich afvragen: ‘Wie ben ik?’

2014-05-19 09.59.22
De eerlijke mens moet concluderen dat het antwoord niet eenduidig is in plaats en tijd. Tenminste dat is mijn mening. Wie ben ik is vooral tijd en plaatsgebonden en vooral eerlijkheid naar jezelf. Kortom tal van complicaties bij de beantwoording van de vraag ‘Wie ben ik’ oftewel VIND DE MENS in jezelf. Die ochtend was ik ondanks het stralende warme lenteweer niet best te pas, wat onbestedde lichamelijke klachten zorgden voor een even zo onbestend humeur. Die ochtend was ik vooral een rokende chagrijn die naar zijn werk moest. Op andere momenten geniet ik wel van het mooie weer en ik ben me ervan bewust dat ik op het werk een ander mens ben (of speel) dan thuis, in de trein of met oude studievrienden. Naarmate de rollen meer naadloos in elkaar overgaan zit een mens mogelijk evenwichtiger in elkaar, is hij zichzelf zou je kunnen zeggen. Maar of dat nu altijd zo wenselijk is vraag ik me af. Wil ik wel weten hoe de buurvrouw daadwerkelijk is achter de voordeur, moet die ene collega op de werkplek ook zo nadrukkelijk doen alsof ie thuis is, of geef ik de voorkeur aan al die rollenspelen in het leven. Al die mensen die zo lekker authentiek zichzelf zijn lijkt me heel vermoeiend. Ik stel dus voor om die luchten maar te laten breken door professionele acteurs, kunnen ze meteen grenzen raken en de tijd openen. Ik houd me wel bezig met het vinden van de mens in mijzelf, moeilijk genoeg.

32. HOOP DOET NIET ALTIJD LEVEN uit de serie de kabbelende 100

Gegroepeerd zien ze er prachtig uit. Tientallen bij elkaar in roze en donkerrood staan de fuchsia’s bij de Jumbo om de hoek in het loopgedeelte van de argeloze bezoeker van de super. Tijdens de pauze liep ik er tegenaan toen ik mijn middagboterham haalde. De planten zijn zo’n halve meter hoog en door het folie bijeen gedrukt, zien ze er lekker vol uit. In eerste instantie weet ik de impulsaankoop te weerstaan, 2 planten voor 8 euro is natuurlijk geen geld, 8 euro natuurlijk, maar toch. Na de bammetjes te hebben opgepeuzeld gaat het toch knagen, terwijl ik achter mijn computer de overwegend kale, saaie en ongezellige kamer bezie. Normaal interesseert het me niet, maar nu riepen de fuchsia’s vanuit de winkel een paar honderd meter verder op. ,,Koop me, koop me!” In een opgeruimde omgeving is het natuurlijk veel beter werken. Met een beetje kleur schiet de arbeidsproductiviteit omhoog.

2014-05-13 09.25.00
Tussen de bedrijven door toog ik naar de winkel en met in iedere arm een plant kwam ik tevreden terug. Wat nou een ongeïnteresseerd kantoorpik, gewoon twee joekels van planten op mijn kamer die de komende maanden voor iedere voorbijganger een lust voor het oog moeten zijn. Zorgvuldig zal ik de dode bloemetjes eraf trekken en iedere dag genoeg water natuurlijk. Wat zal mijn kamer letterlijk opbloeien met mij erbij. De eerste desillusie kwam meteen bij het uitpakken al. Ongezien waren al heel veel bloemetjes dood, zelfs onvolgroeide jongelingen vielen van de takjes af. Met de conclusie dat ze acuut water nodig hadden kwam meteen de tweede desillusie. Het water kwam bijna net zo hard van onder de plasticpotten, die ik wel op een schoteltje had geplaatst, uit. De papieren die er lagen werden kletsnat, de map bleef grotendeels gespaard. Met een handdoek kon ik de buitenkant drogen. Met de inhoud moet ik nog aan de slag namelijk mijn collega’s erover informeren. Kan toch moeilijk aankomen dat fuchsia’s belangrijker zijn dan hun overlevingstocht binnen het werk? Terwijl in de stille kamer met enige regelmaat steeds blaadjes en bloemetjes op de tafel en grond hoorbaar vielen, stelde ik vast dat twee van die kale dode takkenbossen ook niet heel erg opmonterde. Ik zal mijn best moeten blijven doen. Echter om nu al mijn beschikbare tijd als een Jiskefetachtig type mijn fuchsia’s te verzorgen in de baas zijn tijd, daar pas ik voor. Misschien zijn ze morgen wel dood, misschien ook niet.

 

31. HET CONCERT DES LEVENS uit de serie de kabbelende honderd

2014-04-02 08.46.03
De aanvangstijd is onbekend en zelfs het op te voeren stuk is niet duidelijk. Maar onmiskenbaar gaat een ieder op weg naar zijn veelal gereserveerde zitplaats voor vandaag. Er is gerekend op veel publiek en gelukkig is het vervoer goed geregeld. Er zijn geen noemenswaardige opstoppingen, de treinen arriveren één voor één en spuwen de mensen massaal uit. Er ontstaat een ogenschijnlijk ongeordende mierenhoop, maar voor de kenner is de orde snel te ontwaren. Het hele stationsgebouw in wording, met zijn holle geluiden, is voor de meesten een te overwinnen gekkenhuis. Aan de gezichtsuitdrukkingen te zien zijn de verwachting over de uitvoering niet hooggespannen. De meesten lijken hun verplichte abonnement te gebruiken. Misschien valt het mee, misschien ook niet? Belangrijker dan de kwaliteit van de uitvoering is er op tijd te zijn. Je hebt dan nog zicht op het binnenstromende publiek. Misschien zijn het dezelfde mensen als de dag ervoor?

Mijn mobiel geeft aan dat ik ruim op tijd ben voor mijn eigen voorstelling. Ik besluit een kop koffie te kopen en neem plaats in de buitenfoyer, ergens boven in. Een kakofonie van hakgeluiden en doffe stappen hoor ik achter me op weg naar de trap links van me. Rechts een een soortgelijke stroom naar beneden. Een enkeling kijkt nog even in het rond of ze wel richting de goede zaal gaan, anderen wachten op bekenden met wie ze afgesproken hebben samen te genieten van de voorstelling. Menige vrouw inspecteert nog snel of het schilderwerk op het gelaat in orde is. Met de tikkende hakjes komen vele zoete geuren langs drijven. Een goed parfum is een fijne bedwelming die een tegenvallende theatershow nog dragelijk kan houden. De belichting op dit tijdstip is nog wat somber, passend bij de stemming van de meesten. Er zijn bouwvakkers bezig met een eigen voorstelling voor die dag. Beneden probeert een neringdoende met bakfiets nog koffie te slijten. Een enkeling lijkt zich niets aan te trekken van het theaterpubliek en loopt tegen de stroom in. Eentje geeft een harde schreeuw die er voor zorgt dat de mensenmassa even hapert, even maar, en dan gaat de massa ongehinderd verder. Niemand kan er iets aan doen dat er niet voor iedereen een kaartje is. De schreeuwlelijk kijkt of er in de prullenbak een kaartje voor hem is. Een programmaboekje zal zeker een onmogelijke opgave zijn, want er is geen program voor het concert des levens, voor niemand.

30. DE VERFOEIDE PAUZEWANDELING uit de serie de kabbelende 100

Ik vind het bijzonder eng. Laat ik er maar eerlijk voor uitkomen. Als ik ergens pukkeltjes van krijg zijn het groepjes wandelende collega’s die hun broodjes oppeuzelen in de straten rondom hun kantoor. Vaak zijn ze nog hevig discussiërend en met volle mond pratend hun werk aan het overdoen. In die pauzes lijken sommigen tot hoogstaande inzichten te komen en proberen een murw gewerkte collega juist op dat moment te overtuigen. Ze praten alsof ze de directeur zijn en dat het bedrijf zonder hun inbreng tot een desolate ruïne van bureaucratische existentie zal verworden. Misschien dat de frisse lucht tot die Einsteinachtige plannen noopt, maar ’s middags zullen ze gewoon weer een radartje zijn in hun eigen machinerie. Andere groepen lopen doods en zwijgend soms met wel acht mannen. Vast een bedrijf met veel bèta’s en die ene vrouw die meehuppelt was blijkbaar goed op haar toekomst voorbereid.

2014-03-31 12.29.45

Ik heb het niet op de middagwandeling, maar het is wel gezond zeggen mijn collega’s. De hele dag op je krent zittend in ongezonde kantoorlucht, je rug en je ogen naar hun grootje helpend van het computerwerk is ook niks. Ik zou het eigenlijk standaard moeten doen, maar mijn eigen vastgeroeste oordeel over groepjes loonslaven houdt me tegen. Daarmee ben ik dus een rem op mijn eigen gezondheid, want wie mij ziet, denkt niet meteen aan een man die zijn lichaam als een tempel onderhoudt. De oplettende lezer kan nu het verband leggen met een gezonde geest. Dus als de druk van ongetwijfeld goedbedoelde collega’s samenvalt met een opkomende koppijn, ga ik overstag en praat natuurlijk de hele weg over het werk als een directeur die de sleutel in handen heeft voor verbeteringen in de zaak. Of ik praat over Feyenoord en dat is dan wel weer leuk. En eerlijk is eerlijk, er is niets mis met mijn collega’s, maar mogelijk met mij want waar ik ook loop in de pauze, ik zie plukjes werknemers en probeer hun beroepsmatig in te schalen. Wat doe je trouwens als je in de haven van Rotterdam werkt op een bezoedeld kantoortje, of wanneer je je ontspanning moet zoeken tussen de flats van de Zuidas in Amsterdam? Ik moet me dan maar gelukkig prijzen met het Arnhemse Sonsbeekpark in de directe nabijheid. Hoewel ook hier de werktorens oprukken, zijn ze nu nog slechts horinzonvervuiling, een uitzondering, net als ik met mijn rare ideeen over de verfoeide pauzewandeling.

28. OORLOGSVERKLARING AAN MILKA uit de serie de kabbelende 100

 

Ik moet even mijn hart luchten. Ik ben boos, of eigenlijk gefrustreerd, nog beter gezegd beide. Ik zal aanstonds uitleggen waarom, eerst een stukje voorgeschiedenis. In een tijdperk van voortschrijdende technieken, zou je zeggen dat die techniek de mens dient. Vaak is dat zo, maar niet altijd. Een veelgehoorde klacht is dat de verpakkingsindustrie dusdanig geïnnoveerd heeft dat alles wat maar verpakt kan worden ook in papier, karton, piepschuim of plastic is vervat. Zeer schadelijk voor het milieu, maar ook voor mijn humeur. Kleine genoegens worden een helse onderneming. Thuis, voor kaas, vleeswaren of koffie pak ik al standaard een schaar. Vroeger, vijftien jaar geleden gebruikte ik meestal brute kracht, toen lukte dat nog. Misschien is mijn kracht iets afgenomen, maar dit natuurlijke fenomeen bij het ouder worden is niet dusdanig dat ik voor het openen van een eenvoudige candybar de neiging heb de oorlog te verklaren aan de fabrikant.

2014-03-03 20.56.30

Dus, wachtend op de trein na je werk, voel je een honger- en suikeraanval opkomen. Meestal kun je die weerstaan, niet altijd. Dan is het aanbod twee voor een euro erg aanlokkelijk. Milka is mijn favoriete reep. De reclames met die lila koeien en Alpendirndels zijn dan verschrikkelijk, maar dit terzijde. En als de Milka gevuld met karamel naar me knipoogt, ben ik verkocht, licht ontvlambaar als ik ben. Maar dan komt het! Ik stap de trein in en wil de amuse verorberen, want uiteraard wachten de piepers thuis. Ik constateer dat de innovatie van de Milkajongens en meisjes qua verpakking al vergevorderd is, want het nutteloos uit elkaar trekken van de wikkel heeft plaats gemaakt voor instructies om het open te maken, een pluspuntje. Echter, met geen mogelijkheid is de reep te openen. Mijn intellectuele capaciteiten zijn niet toereikend om de eenvoudige instructies op te volgen. Je schijnt een HBO opleiding te moeten volgen om van de candybar te kunnen genieten. Tegenover me zit een menopauzer met belangstelling mijn verrichtingen gade te slaan. Ik denk: ,, Nog nooit iemand een wikkel zien weghalen? Nu dat kan kloppen, want dat gebeurd ook zelden.” Ik zeg: ,, Geen eenvoudig opgave tegenwoordig.” Ze knikt. Met mijn meest ontspannen gezicht gebruik ik al mijn kracht om bij de chocola te komen. Het lukt, hoewel mijn polsen pijnlijk aanvoelen. ,,Jongens en meisjes van Milka, een dringende oproep, dit kan zo niet langer, dit moet anders wil ik jullie duivelse producten nog gaan kopen. Kiezen of delen!”