Plaatjes en Kletspraatje: Koning Eik en Koning Hulst

Kennen jullie het verhaal van Koning Eik en Koning Hulst? Nu ik wel en ik zal jullie het in een notendop bijbrengen. Ik kreeg het te horen van mijn partner tijdens de vele wandelingen. Een constant gevecht in de bossen doe zich voor tussen Koning Eik en Koning Hulst. Het vertelt het verhaal van de zonnewendes in december en juni, ieder jaar weer. Vanaf 21 december wint koning Eik weer aan kracht om op 21 juni op haar hoogtepunt de winst weer af te staan aan koning Hulst. Het heeft iets rustgevend als mijn partner hierover vertelt tijdens de wandeling. Ze heeft me nooit vertelt dat de koningen, broers van elkaar, ook een vrouw hadden, respectievelijk Hedera en Vlier. Ze zal wel gedacht hebben dan wordt het te complex voor hem, laten we het lekker masculien houden, een broedertwist. (voor het hele verhaal, ga na de volgende link)

Afgelopen woensdag 16 november liep ik door het Wehlse Bos bij Wehl uiteraard. Het was weer zo’n recorddag van 16 graden. Heerlijk wandelweer. En wat me al langer opviel is dat de bomen en het bos nog helemaal niet winters aandoet. Veel bomen zijn nog best groenig. Met de droge zomer had ik verwacht dat de natuur al lang op sterven na ‘dood’ zou zijn. Niets is minder waar. Ik kreeg nog een berichtje mee dat het voor de bomen niet erg is, maar de biotoop kan veranderen omdat de bladeren langer vocht afgeven en de bodem minder vocht ontvangt door het nog immer aanwezige bladerdek. Dat weet ik dan weer en vertel het graag door. (ik moet hierbij denken aan het volgende liedje van Yentil en de Boer trouwens, kijken en luister ook onder aan dit blog)

In die groene herfstige oase in de Achterhoek maakte ik me zorgen over Koning Hulst. Het was me duidelijk dat Koning Eik weliswaar over zijn hoogtepunt heen was, maar nog een krachtig stempel drukte in het bos. Ik was naarstig op zoek naar een teken van leven van Koning Hulst die toch al richting zijn ultieme macht moest zijn. Helemaal op het einde van de wandeling kreeg ik een teken van leven en moet er op vertrouwen dat het goed gaat komen.

Een teken van leven dat Koning Hulst er wel is en het gevecht gevochten wordt. Hoe sterk koning Hulst zal worden moeten nog blijken de komende tijd.

Morgen wordt er trouwens natte sneeuw verwacht. Maar ik wil een dringend beroep doen op de gemalinnen van de beide koningen, misschien moeten zij zich wat nadrukkelijker gaan manifesteren. In de nadagen van het patriarchaat, misschien ook wel in de natuur, zullen de vrouwelijke elementen de wereld moeten reden? Of in ieder geval het evenwicht tussen koning Eik en koning Hulst.

Het Wehlse Bos via Achterhoekroute, een fijne wandeling met op de achtergrond de wetenschap van het koningsdrama. Voor meer foto’s zie ook Instragram account titiissprakeloos.

Plaatjes en Kletspraatjes: Een punkboom, kan dat?

Dit is de aanstichter van deze kletspraat, zoals je ziet flink dichter bij gehaald met mijn mobiel, dus behoorlijk wazig zal de kenner zeggen. Ik vind het een mooie foto.

Met vele vragen reed ik vanmiddag naar Loerbeek. Een daarvan was kan een boom een punker zijn? Voor dat iedereen een leger van witte jassen op mij af wil sturen, behoeft dit enige uitleg. Vorige week maakt ik een mooie wandeling op het nieuwste klompenpad rondom Kilder. Ik maakte bovenstaande foto omdat ik de kale takken boven de kruinen van de andere bomen interessant vond. Maar ook gebouwen ervoor wekte mijn interesse. Mijn ogen zijn vrij slecht, dus ik dacht daar kijk thuis wel even goed naar.

Terugkomend op de vraag of een boom een punker kan zijn. Ik denk van niet, maar in een tijd van fluïde denkbeelden mag je van mij denken wat je wil. Het is ook al weer 30 jaar geleden dat Harrie Jekkers ‘Wereldmensendierendingendag’ propageerde met het Klein Orkest. Dus laat een boom ook lekker punk zijn. Toch!

Het gebouw was een oude molen of wat daarvan over is gebleven, met een hele grote groene silo erbij, ook al vrij gedateerd. Even googelen leerde me dat dit de Molen van Bernsten in Loerbeek is. En als het aan de heer Van Huize Bergh had gelegen was de molen er nooit gekomen. Nu, hij kan gerust zijn, de molen is ruim 170 jaar later vervallen tot een soort van ruïne die op mij in ieder geval aantrekkingskracht heeft. Die wil ik wel van dichterbij bekijken. Ik zou ook best meer van de geschiedenis willen weten, maar dat komt nog wel. Eerst mijn slechte ogen maar compenseren door er op een mooie zondagmiddag naar toe te rijden om wat plaatsjes te schieten. Bovendien hoe ziet Loerbeek eruit? Ik wist het niet, alleen van afstand dat er een oude molen was.

En ik wilde er mooi weer bij hebben, want met een blauwe lucht kan een foto bijna niet mislukken is mijn bescheiden oordeel. Zondag 13 november was een hele mooie zondag, bijna warm. Veel bomen zijn nog best wel groenig al loopt de ouwewijvenzomer echt wel op zijn eind vermoed ik. Dus veel later in het jaar had het niet meer gekund.

Al fotograferend zie ik mensen aan het werk en één van de werkers ziet mij ook. Ze loopt over het terrein dat met een beetje fantasie ook een 19e eeuwse Havezate kan zijn. Ze komt naar me toe. Bouwmeester Tessa legt uit dat ze er met zijn zessen gaan wonen, allen (aangetrouwde) familie van elkaar. En dat het een klus van een lange adem zal worden. Ik heb er bewondering voor met mijn linkse handen. Ik krijg al buikpijn van de aanstaande verbouwing van (als het goed is) drie maanden in mijn eigen huis. Ik wens Tessa en alle andere bouwers veel succes en plezier met het project. Ik zal het de komende jaren in de gaten houden, in ieder geval een reden om een vaker naar Loerbeek te gaan.

Plaatjes en kletspraatjes: Mijn revolutionaire daad

Hoe ga ik mijn revolutionaire hartenkreet verwoorden? Een dilemma want als dit stukje langer dan 1 minuut leestijd heeft, echoot de hartenkreet slechts wat rond in mijn ziel, maar verder leest niemand het? Laten we vooropstellen dat ik van voetbal houdt, maar Qatar kan me gestolen worden. Veel zin heb ik vanavond in de wedstrijd van Feyenoord. Dus om op tijd te eten snel naar de super in de buurt. In mijn geval de Jumbo. Je weet wel die van de gele zak, snelle auto’s en …….en een geheel apathisch niet invoelend reclameteam. O ja, en van de verdenking van witwassen. Goed die reclame dus, heel Nederland is over ze heen gevallen en je denkt, dat zal wel afgelopen zijn!!!!

Bij binnenkomst in de winkel baardman in een hesje, je kan er niet om heen. Ik was verbaasd, hoogst verbaasd. Zal dat alleen hier zien? Eigenlijk moest ik rechtsomkeer maken, maar je weet wel, haast en Feyenoord vanavond op tv………. Even overwoog ik als revolutionaire daad proletarisch te winkelen als revolutionaire tegenactie tegen het onmenselijk kapitalisme.

Zo ben ik niet helaas, dus dan maar in blogje.

In de winkel vang ik tussen twee vakkenvullers het volgende gesprek op:

,,Ik snap het niet dat ze dat van die bouwvakkers bedacht hebben.”

,,Hoezo?”

,,Nou van die 5000 doden in Qatar.”

,, Ach dat zullen ze zo wel niet bedoeld hebben.”

,,Het is wel heel erg dom vind ik.”

Ik: ,,Dat vind ik nu ook, en dan ben jij vakkenvuller en geen directeur.”

We gaan ieder ons weegs. De vakkenvullers verdienen hun grijpstuivers met vakkenvullen, ik ben op tijd met mijn snert uit blik voor Feyenoord en ……we gaan gewoon verder. Wij  wel……met dien verstande dat ik maar een blogje schrijf over de gekte in de wereld te beginnen bij de Jumbo. Hadden ze bij de directeur niet heel veel contanten in huis gevonden? Misschien dat dat maar eens in het fonds moet voor al die Bengaalse arbeiders. En nu maar hopen dat Feyenoord wint!

Plaatjes en Kletspraatjes: LUTTENBERG, mijn blinde vlek

En in één keer besef je het, je hebt een blinde vlek. Nu weet ik echt wel dat ik er meer heb, maar dat is omdat ik voor iets te stom ben of geen interesse heb. Zo heb ik een blinde vlek voor de GP met Max Verstappen, het interesseert me niet; of de werking van een deeltjesversneller…….schiet mij maar lek. Maar het bewustzijn dat ik een echte blinde vlek had voor Luttenberg en de berg met dezelfde naam, was een gekke gewaarwording afgelopen woensdag. Dit  behoeft natuurlijk enige uitleg.

Komt ie. Luttenberg ligt in de gemeente Raalte, de plek waar ik ben opgegroeid. Natuurlijk was ik er wel eens doorgefietst of langsgereden, maar hoe het eruit ziet? Ik weet het niet. Het heeft in ieder geval twee grote campings en het is toeristisch, maar ja, niet voor mij blijkbaar. Ik houd van wandelen dus ik dacht, we moeten ook maar eens in de buurt van mijn eigen roots gaan kuieren.

Luttenberg dus. Bij de verplichte zondagswandeling met mijn ouders kwam ik in Haarle, Lemele, Nijverdal en Holten, maar in Luttenberg? Mijn moeder kon dat ook niet verklaren. In de jaren 70 en 80 waren plaatsgenoten opgewonden als de motorraces op de Luttenbergring plaatsvonden. Ik zag op Studio Sport wel of Jack Middelburg dan wel Wil Hartog gewonnen had. Het boeide me niet.

De Luttenbergring, of een stukje ervan

In het eerste jaar van de middelbare school kwam een dozijn meisjes uit Luttenberg bij me in de klas. Och je was twaalf en toen hadden meisjes nog geen interesse in voetbal, dus wat had je met ze te bespreken? En als je ze en passant eens sprak, dan snoefden ze heel hooghartig over een grot in Luttenberg. Ze waren er trots op concludeerde ik uit hun opgewonden stemmen. Grot of die meisjes, niets bracht mij in beweging om eens op een woensdagmiddag een kijkje te nemen in Luttenberg.

De Lourdesgrot in Luttenberg

Ook qua voetbal was de plaatselijke club een apart verhaal. SDOL speelde in het district Twente, wij van het grote ROHDA Raalte maakte onze doelpunten in het Zwolse competities. Ik heb geloof ik op een zomeravond eenmalig een vriendschappelijke wedstrijd tegen ze gespeeld heb. Ik weet de uitslag niet meer en ook de clubkleuren van SDOL zijn me niet bijgebleven. Op het einde van de middelbare school kwamen de feestjes, ook in Luttenberg. Maar ja, dan was het donker en was er bier. Zo werd ik 18 jaar en vertrok uit Raalte zonder actieve herinneringen aan Luttenberg en haar berg. We kunnen dat een blinde vlek noemen. Blinde vlekken zijn er om in te kleuren, een (ge)zicht te geven. 26 oktober 2022 was het zover

Ik heb de blauwe route rond en over de Luttenberg gelopen. En eerlijk is eerlijk, het was een hele aangename wandeling. Ik heb een aantal mooie foto’s kunnen maken. (zie ook Instagram: account titiissprakeloos) en er was veel ruimte om te reflecteren waarom die blinde vlek.

Nu zou het mooi zijn om na de blauwe route ook de Luttenbergse Horeca te ontdekken, echter mijn moeder stond te wachten in Raalte met een overheerlijke uitsmijter met de eitjes van de kippetjes van oom Ben. Ook heel lekker. De volgende keer bij de gele route zal ik Luttenberg verder ontdekken. Ter compensatie heb ik wel de boodschappen voor die dag bij de plaatselijke Coop gedaan. Zo ben ik dan ook wel weer.

Plaatjes en Kletspraatjes: Het perfecte (klets)plaatje.

Toeval bestaat niet, of misschien ook wel. Zelf heb ik te weinig kijk in de kosmos om het toeval te ontdekken. Ook mijn filosofische gaven zijn van dien aard dat ik het bestaan van toeval kan ontkennen noch bevestigen. Maar heel soms vallen dingen wel aardig samen, al is het maar voor het schrijven van een stukje.

Afgelopen week keek ik naar het uiterst ontspannen programma Het perfecte plaatje. Infotainment zullen we maar zeggen. BN’ers gaan met elkaar de strijd aan om met een bepaald thema de mooiste foto te maken. Ik houd van foto’s. Het programma heeft niet veel om het lijf, maar ik leerde daar wel de term kikvorsperspectief. Dit is de foto maken van onderuit. Je speelt dan als het ware met de horizon en het object bekijk je dan vanuit een ander perspectief. ,, Bij mijn volgende wandeling ga ik daar bewust mee experimenteren.” Gewoon met mijn Samsung mobieltje, leuk. Ik had al plannen voor de komende zaterdag, de Kemnaderoute bij Braamt.

Met een collega keuvelde ik over het werk en we bespraken de weekendplannen. Ik vertel over mijn kikvorsperspectiefplannen voor de dag erop. Deze wijze collega weet er blijkbaar wat van. Ze zegt dat is toch de manier waarop Poetin gefotografeerd wordt om wat imposanter te zijn. Tja, denk ik dan, zulke wetenswaardigheden zou ik als politicoloog zelf in de conversatie moeten brengen.

’s Morgens voor de wandeling in alle rust ontbijten met koffie, eitje en krantje. Ik zie een oude foto van Poetin met onze vorst op de voorpagina van het NRC. Niet met het kikvorsperspectief, maar de foto is al meer dan tien jaar oud. Vladimir is niet imposant en kijkt zelfs een soort van vriendelijk. Misschien moest zijn persoonlijksproblematiek nog groeien. In ieder geval had hij de internationale pers niet in de hand.

In Braamt had ik mijn eerste imposante object om in het kikkerperspectief te vereeuwigen al snel gevonden. Ik was tevreden, dit ga ik vaker doen. Tijdens deze wandeling rondom Braamt en alle andere wandelingen die hopelijk nog zullen volgen. Toeval bestaat niet, of misschien wel, maar je kunt de ingrediënten van je verhaal ook een beetje kunstmatig bij elkaar associëren. En dan heb je naast het perfecte plaatje ook nog een aardig praatje.

Voor meer plaatsjes zie ook Instagram account titiissprakeloos. De Kemnaderoute is te vinden op de App van Achterhoekroutes.

Plaatjes en Kletspraatjes: Kroketten in Nijmegen

28 jaar geleden was ik nog geen vader. De kermis van 1994 was de laatste die ik samen met de moeder van onze kinderen in ons kinderloze bestaan mocht vieren. We slenterden over de kermis, het was druilerig weer. De zwangere buik van mijn partner nodigde niet uit om allerlei attracties te bezoeken, integendeel. We liepen naar een voor ons nieuw Mediterraan Restaurant in de buurt van het Koningsplein. Het was nieuw en goed werd gezegd. Het zou voorlopig wel eens het laatste rustige etentje kunnen zijn. Inmiddels bestaat het restaurant al niet meer. Ik moest er vandaag aan denken toen ik wachtte op een lunchafspraak met een collega. We zouden kroketten eten.

Ik moest een boef bezoeken, hem spreken om er daarna iets verstandigs over te zeggen voor de rechtszitting. Als je dan toch in Nijmegen moet zijn, vind ik het altijd leuk om er even rond te lopen. Ik heb er immers vijftien jaar met veel plezier gewoond en mijn beide zoons zijn er geboren. Ik moest er dus aan denken bij het zien van het reuzenrad dat vandaag werd afgebroken. Mijn zoon wordt bijna 28 jaar.

Maar mijn zoon is niet de reden om een blogje te schrijven. Integendeel, hij zou het eigenlijk helemaal niet leuk vinden dat zijn vader lichtelijk weemoedig terugkijkt op bijna 28 jaar vaderschap. Hij leest mijn blogjes dan ook gelukkig niet. Blogjes schrijven is zo’n boomertijdverdrijf!

Het blogje werd geboren door mijn verbazing over bovenstaande foto. De foto is niet mooi, niet bijzonder en waarschijnlijk fototechnisch onder de maat. Maar er ontbreekt iets op de foto en daarvoor moeten we terug naar 1987 of 1988.

Ik had mijn auto geparkeerd op de Wedren en dacht, ik loop even langs mijn oude studentenflat. De echte Nijmegenaar had natuurlijk de Jacob Canisstraat allang herkend. Op de derde verdieping met zicht op de Bergendalseweg heb ik een aantal jaren mijn studentenhokje met veel plezier bewoond. Wat de aanleiding was weet ik niet meer, maar een studievriend was destijds student-bestuurslid van de SSHN (Stichting Studenten Huisvesting Nijmegen) en vroeg of ik nog iets voor de volgende vergadering had. Ik kon niets bedenken, keek eens naar buiten en zei, misschien kun je de brandveiligheid van deze flat benoemen. Zelf ben ik nooit bang geweest of maar een moment gedacht aan onveilige situatie op driehoogachter. De voordeur was immers aan de andere kant. Sterker nog, ik kan me zo voorstellen dat ik gedacht heb, het is toch allemaal beton, dat vat geen vlam.

Met jeugdig enthousiasme en een grote dosis scoringsdrift van mijn studiegenoot, agendeerde hij brandveiligheid in de vergadering. Een half jaar later, of misschien nog wel sneller was er een heuse lelijke brandtrap ter hoogte van de balkons op de foto. De laatste drie meter moest je wel springen. Bij mijn weten heb ik er geen foto’s van, maar u moet me maar geloven. Het kostte een lieve duit en iedere keer als ik er langs kwam moest ik glimlachen. Het had iets betekenisvol. ,,Als ik er niet geweest was, dan……… Mijn leven heeft zin gehad, naast de rijkdom van twee zonen natuurlijk.

Op deze dag in oktober 2022, zie ik dat er nieuwe groepjes studenten de vergadering binnen de SSHN mogelijk hebben beïnvloed. Esthetische redenen moeten ongetwijfeld de oorzaak zijn om de lelijke brandtrap ‘van mij’ te laten verdwijnen. Misschien zijn ze niet bang meer? Misschien is de vluchtroute nu anders georganiseerd? Ik ben te weinig onderzoeker om dat na te gaan. Ik accepteer dat de wereld verandert en dat de brandtrap er niet meer is. Alles draait (door) zoals Ellen ten Damme zo mooi zingt. Ik loop door de stad in en vind Nijmegen nog mooier dan 30 jaar geleden. Het is maar goed dat alles draait. Zo’n boomer dat vroeger alles beter was ben ik dan weer niet. De kroketten waren trouwens ook lekker.

Plaatjes en kletspraatjes: Aalborg zien…..en dan sterven

The New York Times wist te melden dat Aalborg één van de 52 steden is die je moet bezoeken in Europa. En wie trapt er in? Ondergetekende!!!! Maar dat weten we nu. Gisteren maakte we nog plannen en na de rust van de rest van Noord Jutland, ook maar eens een echte stad. De nummer vier van Denemarken, niet groter dan Arnhem of Nijmegen. Dus het moest te doen zijn. De plaatjes waren heel veelbelovend.

Het was even zoeken het was namelijk best druk. Deze beslist niet onaardige stad had de toeristeninformatie ter plekke niet echt op orde. Normaal gesproken zou dat een pré zijn, maar nu wilde we naar het Quartier Latin van Aalborg. Schuimen en scharrelen langs de pittoreske straatjes die op internet werden beloofd. Uiteindelijk vonden we het, na eerst langs andere monumentale panden gelopen te hebben, met dezelfde winkelshit als overal. De panden waren aardig, maar mijn hart ging niet sneller kloppen. De beroemde straatjes bleken er welgeteld twee te zijn. Diep teleurgesteld dronken we een cappuccino tegenover het pand van de plaatselijke afdeling van het Leger des Heils.

En ja, er leek een markt te zijn voor de onbehuisden. Ik denk dat de enige grote stad in de omgeving alle Malle Pietjes in de wijde omgeving aantrekt. Het aangeharkte Denemarken was hier iets minder aangeharkt. Toen ik even bij de voordeur keek, hing er een jaarprogramma. Een lieve bejaarde soldate kwam naar me toe en nodigde me uit om binnen koffie te komen drinken als ons duurbetaalde cappuccino op was. Als we dat eerder hadden geweten hadden we zomaar 98 Kronen bespaard en die had ik graag geschonken aan het Leger ter plekke. (voor de Nederlandse rekenaars, €13,- ) Het mocht niet zo zijn. Op het terras bekeken we de plaatjes op internet en nader beschouwd waren dezelfde straatjes  1.000.000 keer gefotografeerd. Vandaag voeg ik mijn aandeel er aan toe. Met goed zoeken vonden we nog een paar huisjes die we niet gezien hadden, dus toch maar even terug nu we er toch waren!

We kunnen stellen dat de citymarketing van Aalborg aardig heeft gewerkt. Er is niets mis met de stad en goed, eerlijk gezegd we waren met onze hond, dus geen museum; en goed het was vandaag de derde dag van mijn zoveelste poging om te stoppen met roken. Dat zijn weliswaar hindernissen, maar het viel toch een beetje tegen. Echt, al liegen de foto’s mogelijk anders.

Plaatjes en Kletspraatjes: De zeehond van dienst.

Een beetje vertederd was ik wel bij het zien van zo’n aaibare zeehond op luttele meters afstand. Op de uiterste punt van Denemarken, voorbij Skagen komen twee zeeën bij elkaar. Het Kattegat en het Skagerrak zorgen voor een zeer gevaarlijke stroming omdat ze elkaar bevechten. Van links het Skagerrak die uitkomt in de Noordzee en rechts het Kattegat, de alom bekende tongbreker van de topografie op de middelbare school. Noorwegen, Zweden en Denemarken delen het Kattegat, een zee waar in vroeger tijden veel oorlogen zijn uitgevochten en waar de Duisters veel bunkers hebben gebouwd. In Denemarken is het relatief rustig gebleven in de Tweede Wereldoorlog, maar de strategische ligging was reden om bunkers te bouwen. De punt waar de zeeën elkaar tegenkomen heet Grenen, Scandinavischer kunnen we het niet krijgen.

Maar goed, de kans op een zeehond was aanwezig. En we hadden geluk. We zagen er één zwemmen en tien minuten later kwam het beestje ook op het strand. Het leek wel of de zeehond te lui was om de uiterste landpunt te trotseren. Of misschien was de stroming te sterk voor het beest. Wie zal het zeggen. Ze was bovendien alleen en dacht, ik snijd een stukje af om naar het Skagerrak te wiebelen. Met grote ogen keek het naar de voorbijlopende toeristen of het veilig was. Ik vraag me dan af, waarom ben je alleen. Misschien had het beestje dienst. Het is immers de laatste zondag van augustus. En hoewel het beste aangenaam weer was, het toeristenseizoen is in deze contreien toch echt afgelopen. De vriendjes van het beestje hebben vast gezegd, jij heb dienst vandaag. Ga jij de mensen maar vermaken. Deze zondagsdienst voor de zeehond levert misschien een extra visje op. En ze vermaakte niet alleen de mensen, ook de landtegenhanger, onze hond toonde nadrukkelijk zijn interesse. Ze was inmiddels over de angst van de zee heen, al bleef ze voorzichtig. Maar toen ze de zeehond zag, wilde ze kennismaken. Het mocht niet van ons. En ze was al teleurgesteld toen we haar tegenhielden om een zieke Jan van Gent te begroeten. Het zat haar niet mee vandaag. Maar wij daarentegen hebben ons prima vermaakt bij zee van de voormalige Noormannen. Onze Pippa kreeg wel een extra hondesnoepje voor het getoonde goede gedrag. Ik hoop maar dat de collega’s van de zeehond van dienst zich ook aan hun belofte hebben gehouden.

Plaatjes en Kletspraatjes: De Catwalk lonkt!

Met kleding kopen ben ik heel gemakkelijk. Binnen een minuut weet ik wat ik wil, en vooral wat ik niet wil. Ik moest een broek. Maar ik was nu niet alleen en dan wordt het in de regel iets gecompliceerder. Mijn ongelooflijke koopsnelheid wordt dan geremd door ,,O dit is leuk!, of dat kan absoluut niet! of nog erger ,,Dit is helemaal in!” Vooral die laatste opmerking slaat bij mij helemaal dood. Als ik twee jaar geleden een broek mooi vond, dan vind ik het nu nog steeds mooi ook al zeggen ze op TikTok, in Milaan of het modeblad KNIP dat een broek die ik mooi vind zo 2021 is, dan word ik recalcitrant. Natuurlijk ga ik niet in een wijde rode tuinbroek uit de jaren zeventig lopen. Niet omdat het uit de jaren zeventig is, maar omdat ik niet van een wijde rode tuinbroek houdt. Nu niet, tien jaar geleden niet en over 20 jaar nog steeds niet.

Na twee winkels had ik er al genoeg van, maar gewillig liet ik me meevoeren naar nog een winkel. Ik moest nog steeds een broek. Een vriendelijke dame met winkelpekinees monsterde ons en schatte ons in. ,,Ik wil een broek.” Ze trok mijn polo een beetje omhoog om te kijken welke maat ik had. Samen kwamen we uit op maatje 36, of maat 36 zo u wilt. Ze legde me uit dat ze ieder klant qua postuur vergeleek met haar echtgenoot en ze  zat er zelden naast. De eerste de beste broek die ze pakte beviel me. Ze wees me voor de zekerheid nog op een artificiële beschadiging. Ik kon er mee leven, modieus of niet, zolang er maar geen gat in zit. Hij paste, zat lekker en eigenlijk een beetje te lang. Maar geen nood, de mode schrijft voor dat het omslaan van de broek in is. Mijn recalcitrante ik wilde reageren, maar och. Ze bracht het vol overtuiging en mijn eega was blij met een medestander om mijn eigenwijze modebeeld een beetje bij te schaven. En toen kwam het, hoe ze het wist weet ik niet, maar ze wilde me een wit overhemd laten passen. Om te laten zien hoe je die, ondanks wat welvaartsproblemen rond de navel, goed kunt dragen. Ik houd van witte overhemden. Netjes met het overhemd in de broek kwam ik aan paraderen. ,,Nu moet ik even met de hand achter je broekrand, vind ik niet erg hoor!? Mijn hele Victoriaanse inborst protesteerde, maar allez, mijn vrouw was erbij dus ik voelde me veilig. Mijn mouwen werden eigentijds in orde gebracht, een paar kekke schoenen voor het plaatje, een bijpassende riem en twee kettinkjes om het zaakje te complementeren.

En het plaatje kwam. Mag ik een foto maken voor Facebook en Instagram? Dat is een slimme zeg, je geeft de eerste de beste Sallandse boer het gevoel dat ie fotomodel is en hij wordt zo toegeeflijk als wax. Ik zei al, de dame monsterde ons en heeft dat goed gedaan. Ik een meegaand type en mijn vrouw die met mij als lijdend voorwerp graag wat mode-educatie in mij wilde pompen. Met een belangrijk deel van de outfit liepen we de winkel uit en we hebben ook de foto’s nog. Al met al een geslaagde vakantiedag en stof tot nadenken om mijn loopbaan misschien nog een andere draai te geven. Wie weet word ik nog wel een modepoppetje, of modepop zo u wilt.

Plaatjes en Kletspraatjes: De zwarte cross-ontmaagding.

Kun je je aangesproken voelen bij de warme woorden ‘Welkom Thuus’ als je er nog nooit geweest bent? Voor mij is het antwoord volmondig ja, dat kan. 15 juli 2022 was ik voor het eerst op de Zwarte Cross in Lichtenvoorde. Ik voelde me welkom en ik was meteen thuus. Het kan echt. Zo’n kleine 20 jaar geleden stond ik op camping Beusink in Lievelde. Toen heb ik over het terrein terrein van de Zwarte Cross gelopen (De Schans) Op die camping kwamen steeds meer tenten van de bouwers van de Zwarte Cross. Je voelde wel de kriebelende spanning van alle betrokkenen. Ik had geen aandrang om te gaan. Ook niet toen ik naar een concert van Jovink was geweest in Didam omdat ik er voor de Gelderlander een stukje over mocht schrijven. Het is een lovend stuk geworden en dat kwam toen recht uit mijn hart. Het heeft tot 2022 geduurd toen ik ja zei op de suggestie van mijn vrouw die opperde “Zullen we naar de Zwarte Cross op vrijdag?” Het kwartje is gevallen, een soort van Zwarte Cross-ontmaagding als het ware.

Wat is dan thuiskomen? Biertje, ongedwongen sfeer, humor en veel, heel veel keus in muziek en theater. Maar het is volgens mij vooral, naast de uitstekende organisatie op alle fronten waar bijna aan ieder detail is gedacht, het publiek dat het festival maakt. Ik ben geen Achterhoeker, getogen in Salland en woon inmiddels al weer zo’n 25 jaar in de Liemers. Het bijt elkaar allemaal niet, sterker wat bijt elkaar wel op de Zwarte Cross?  Het is een beetje één grote love&peace-attractie in de boertige weide van Tante Rikie. In tijden waarin we van de ene naar de andere crisis denderen, is het ook wel een beetje een festival van de Hoop.

In dit thuisgebeuren was het eerste dat we zagen een band De Ponders. Jordanese Levensliederen op een reggaebeat, een geniaal concept. Stukjes race meegepakt en slenteren, toen we onverwacht werden geconfronteerd met Drukwerk. Jaren niet meer aan Harrie gedacht (sorry Harrie) maar veel liedjes kwamen als vanzelf weer boven. Tussendoor lopen over het immense terrein (24.000 passen gemaakt) hier en daar stilstaan en even kijken. De planning voor de avond was Danny Vera, De Heinos en Dropkick Murfys. Danny was goed, De Heinos betekende met Normaalnummers feest en toen werd het tegen elf uur. Op aanraden van mijn zoon naar de Dropkick Murfys, maar we waren moe na 12 uur Zwarte Cross. We keken elkaar aan en geloofden het wel. Misschien heel jammer en een gemiste kans, maar het voordeel van thuis welkom zijn: Alles kan, maar niks mot.

Volgend jaar weer.

TIP

Voor de Zwarte Crossgangers die dit vanavond in hun bedje lezen en dit te veel woorden vinden, morgen weer een nieuwe dag want Alles kan, maar niks mot. Misschien wel herlezen na de ongetwijfeld wijze preek van Eus ( Özkan Akyol) in de oecumenische dienst. Ik zou er graag bij zijn geweest. Veel plezier nog.

Wijsheden van een Amsterdams filosoof krijgt op humoristische wijze een eigen(tijdse) invulling. Humor een belangrijk concept van de Zwarte Cross die niet overal goed begrepen wordt.
Als de humor niet vanuit de Zwarte Cross organisatie komt, dan nemen de bezoekers ze zelf wel mee. Een van de vele voorbeelden.
Alsof tante Rikie hier optreedt als Anny Vera, de zus van de beter bekende Danny. Eigen humor.