Later is allang begonnen Klein Orkest

Een stukje van maart 2009, maar uiteraard tijdloos. Dus een stukje relativering voor de verkiezingskoorts. Noemen we het wel koorts?

 

 

 Heden hebben we het zoveelste hoogtepunt mogen aanschouwen in het crisisgebeuren, het sociaal akkoord dat ons definitief zal beschermen tegen nieuwe economische catastrofes en ander financieel ongemak. U mag het ook het zoveelste dieptepunt noemen, het is maar van welke kant je het bekijkt. Morgen in het parlement kunnen we de poppenkast weer aanschouwen. Scherpe oneliners van Femke Halsema en Pechtold, ‘dikhoutzagenmetplanken’ retoriek van Agnes Kans. Ter rechterzijde vind ik persoonlijk de creativiteit iets minder, maar er is altijd een waterperoxide figuur die ongeacht de kwaliteit van zijn uitspraken kans maakt op de voorpagina’s van de kranten. En de coalitiepartijen? Die moeten zich vooral schamen, niet om dat het zo lang heeft geduurd, maar om de hoge mate van non-dualisme en gebrek aan kloten om met eigen standpunten te komen. Het zakenkabinet moet zijn intreden maar gaan doen, maar dit terzijde.

Eigenlijk wilde ik het helemaal niet over politiek hebben maar over de crisisgedachten en beleving. In de jaren twintig en dertig wist men niet hoe gek men moest doen. Wilde dansen, rare weddenschappen en vooral veel armoede ook. De jaren tachtig is het laatste voorbeeld van crisisbeleving. Het Fin du siècle gevoel heerste alom, reeds twintig jaar voor de millenniumwissel. Van die doemdenkerij heb ik in de negentiger jaren nooit meer iets gemerkt. Grote groepen hadden het in die tachtiger jaren niet breed en dat is, ondanks magistrale economische kengetallen de jaren daarop, niet veranderd. Toch was de crisis minder diep dan in de jaren dertig, natuurlijk vooral ook omdat ‘minder van heel veel, nog altijd genoeg is’. De geest van Koos Werkeloos heerste in de jaren tachtig. Het was bijna heroïsch om werkeloos te zijn, of liever gezegd baanloos.

En wat doen we qua muziek en lifestyle nu? Ik weet het niet. Ik ben naarstig op zoek gegaan naar een passend stukje muziek om het sociaal akkoord te vieren. Ik denk niet dat het gelukt is, toch komt, in de geest van Koos Werkeloos’ het nummer ‘Later is al lang begonnen’ van het Klein Orkest er voor mij heel dicht in de buurt.

Je zou zo graag een speler zijn maar je staat aarzelend langs de lijn, bang om op je bek te gaan.
Je durft niet te kiezen, je mocht eens verliezen. Zo bang om straks alleen te staan.

Dit slaat op het gehele kabinet, waarbij volgens mij voor Wouter Bos de druiven het zuurst zijn. JP staat weliswaar niet langs de lijn, maar nog steeds laat hij vooral zijn ingenomenheid zien dat hij een speler is, zonder echt op kwaliteiten een aanvoerder te zijn. Rouvoet, speelt in deze dagen echt een bijrol als waterdrager, die af en toe zijn eigen zure ranjasmaakje mag toevoegen.

Maar ergens halverwege kijk je om en krijg je spijt want levend voor morgen raak je nu je toekomst kwijt.
Dan ben je in de boot genomen door de zilvervloot. Sparend voor later, ga je straks ook sparend dood.

De crisis in optima forma staat in deze zinnen beschreven als het gaat om het maatschappelijke gevoel. Gaan we ons hart volgen of het verstand? Het is vooral het dilemma dat we nu moeten leven, plezier hebben, maar dat de angst voor de toekomst ons doet vergeten echt te gaan leven( = genieten).

En later is allang begonnen, later is allang begonnen.
Later is allang begonnen. En vandaag komt nooit meer terug.

Hetzelfde dilemma als hierboven, alleen meer toegespitst op het nu, dus minder algemeen. We leven inderdaad nu, maar moeten we daarom de rekening bij de volgende generaties leggen. Rechtse politici zullen dan vooral op begrotingsniveau praten, Groene politici over de milieuaspecten en linkse politici benadrukken dat de armen betalen om de toekomst van de rijken zeker te stellen. Welk uitgangspunt je ook neemt, vandaag neem je de beslissing voor later en vaak kun je die niet zomaar weer terugtrekken. De angst regeert dan echter.

Spelend op zeker, tegen alles ingeënt spring je braaf in het gelid. Het verlangen afgeleerd en je gevoel geamputeerd, blijf je zitten waar je zit.

En er wordt een apèl gedaan op het maatschappelijke gevoel, je moet meedoen in het belang van de maatschappij, in het belang van de politieke beslissingen, in het belang van de heersende elite, in het belang van wie dan ook, behalve jezelf.

De rest van het liedje van Harry Jekkers valt dan in herhaling, maar geen vervelende herhaling. Want de vragen en dilemma’s zijn voor denkende mensen terugkerende thema’s vooral in tijden van crisis, waarbij als vanzelfsprekend het geweten kritischer knaagt bij levensvragen. Ieders eigen existentie wordt minder vanzelfsprekend of in ieder geval niet meer vanzelfsprekend gelardeerd met exorbitante rijkdom die ons het denken doet vertroebelen.

Maar ergens halverwege, ik weet het zeker, krijg je spijt.
Want levend voor morgen raak je nu je toekomst kwijt. Dan ben je in de boot genomen door de zilvervloot. Want sparend voor later ga je straks ook sparend dood.

Want later is allang begonnen, later is allang begonnen.
Later is allang begonnen. En vandaag komt nooit meer terug, komt nooit meer terug.

Advertenties

Over sprakeloosid

Sprakeloos, en verhalen over die sprakeloosheid, maar ook verhalen die me sprakeloos doen staan. Kortom, over politiek, maatschappij, boeken, eigen verhalen en soms iets over mezelf. Maar verhaalt niet ieder geblogt woord over mezelf. Kortom, sprakeloos verhalen.
Dit bericht werd geplaatst in Muziekcolumns en getagged met , , , , , . Maak dit favoriet permalink.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s